Wetenschap - 11 juli 1996

De zere-tenenfactor

De zere-tenenfactor

In mei dit jaar is de handleiding personeel en emancipatie uitgekomen, met daarin een beschrijving van tien jaar emancipatiebeleid (emancipatie van vrouwen) en een opzet voor het toekomstige geintegreerde beleid. Als lid van de Werkgroep Vrouwen in de Landbouw heb ik de handleiding onder de loep genomen. Wat me allereerst opvalt zijn de toch wel magere resultaten van tien jaar emancipatiebeleid. Het percentage vrouwelijke medewerkers is met drie procent gestegen naar dertig procent. Momenteel wordt vijf procent van de hoogleraarplaatsen en de UHD-plaatsen door vrouwen vervuld, dat was drie procent in 1990. De meeste vrouwen werken in de laagste loonschalen, schaal 6 tot en met 9.

Een ander opvallend punt is de sterke toename van het aantal vrouwen met een tijdelijk contract. Het percentage tijdelijk aangestelde wetenschapsters nam toe met 24 fte, dat van mannen nam af met 28 fte (in de periode 1990-1994). Hiermee komt het percentage vrouwen met een tijdelijk contract op 55 procent, tegenover 21 procent van de mannen.

Verderop in de nota wordt gesteld: Inzicht in de ontwikkeling is van groot belang, zodat indien nodig beleid ontwikkeld kan worden." Volgens mij zijn de cijfers duidelijk genoeg, niet inzicht maar lef ontbreekt. Men zegt het emancipatiebeleid wel belangrijk te vinden, maar de maatregelen blijven hangen in vrijblijvendheid. Zo is er geen sanctioneringsbeleid als streefcijfers niet gehaald worden. Er wordt weinig gebruik gemaakt van specifieke werving en selectie omdat dit discussie en weerstand oplevert. De zere-tenenfactor blijkt (ook) aan de LUW hoog te liggen.

Hoe kan dit doorbroken worden? Er zijn vaak hoge verwachtingen van vrouwen in organisaties; zij moeten een voorbeeldfunctie vervullen en de discussie over emancipatie binnen de organisatie aanzwengelen. Toch blijkt dit vaak geen reele verwachting te zijn. Veel vrouwen die in een uitzonderingspositie zitten (bijvoorbeeld als vrouw op een hoogleraarpositie) blijken juist niet op te komen voor vrouwenbelangen en doen er alles aan om hun vrouw-zijn te verbergen. Een uitzonderingspositie kan maken dat je je dubbel moet bewijzen en als vrouw opkomen voor emancipatiezaken blijkt veel weerstand op te roepen.

Zijn er andere mogelijkheden om man/vrouw-patronen te doorbreken? Volgens mij vraagt dit een groot bewustzijn van zowel mannen als vrouwen over mannelijkheid en vrouwelijkheid. Verder moet emancipatie op alle niveaus leven, niet alleen aan de top van een organisatie. Een cursus gender-awareness voor alle studenten en medewerk(st)ers aan de LUW, waarbij het eigen handelen en de dagelijkse praktijk centraal staan. Wellicht iets om over na te denken tijdens de zomervakantie.

Geintegreerd emancipatiebeleid kan een aanzet geven tot een groter draagvlak. Tegelijkertijd kan het ook maken dat emancipatie het ondergeschoven kindje wordt (blijft). Als werkgroep blijven we de ontwikkelingen volgen en wensen we de LUW veel moed en inspiratie toe bij de volgende tien jaar.

Re:ageer