Wetenschap - 6 juli 1995

De waarheid over de omvang van de vrije keuze?

De waarheid over de omvang van de vrije keuze?

In het WUB van vorige week (Podium 29 juni) wordt de PSF, middels twee brieven, duidelijk gemaakt dat de PSF niet zo moet zeuren over de inperking van de vrije keuze (VK). Jan den Dulk (medewerker OOB) geeft in zijn brief aan dat de omvang van de vrije keuze in de praktijk nauwelijks zal veranderen, omdat de feitelijke omvang nu in veel gevallen ook al om en nabij de 28 studiepunten (stp) ligt (zo rekent hij de lezer voor in een simpel rekensommetje). Hij verwijt de PSF dan ook dat wij veel te hard hebben lopen roepen dat de vrije keuze ruimte drastisch wordt ingeperkt. Wij zouden degenen die niet alle details van de regels kennen bewust zand in de ogen hebben gestrooid. Hij beschuldigt ons van demagogie.

De PSF is van mening dat met de aanvaarding van dit voorstel (28 stp VK) wel degelijk een ernstige aantasting van de vrije keuze heeft plaatsgevonden. Het is inderdaad zo dat een groot aantal studenten ongeveer 30 stp aan vrije keuze heeft (soms minder, vaak iets meer), maar Jan den Dulk gaat voorbij aan het feit dat de studierichtingen die nu wel netjes ongeveer 42 stp aan vrije keuze hebben, deze vrije keuze in de toekomst ook moeten verminderen tot 28. Het gaat hierbij om de opleidingen Biologie, Levensmiddelentechnologie, Voeding van de mens (niet alle specialisaties), Milieuhygiene (soms zelfs 50 stp VK) en Moleculaire wetenschappen.

Op het rekensommetje van Jan den Dulk is overigens ook het een en ander aan te merken. De voorvereisten voor afstudeervakken die hij in zijn sommetje betrekt, zijn dikwijls in de beperkte keuze opgenomen en gaan dus niet ten koste van de vrije keuze. Verder is het onjuist om de bandbreedte (afwijkingen ten opzichte van de kaders) in het sommetje te betrekken, omdat deze zelfde bandbreedte hoogstwaarschijnlijk ook weer bij het nieuwe kader zal gelden. Als je het sommetje dan opnieuw uitrekent, kom je op een vrije keuze uit van 33 stp voor die studierichtingen die niet de volle 21 stp aan een afstudeervak in het programma hebben opgenomen. De teruggang van 33 stp naar 28 stp zien wij als weer een (weliswaar kleine) beperking van de keuzevrijheid van de studenten. Langzaam maar zeker wordt de vrije keuze steeds kleiner. Deze negatieve tendens en het feit dat roc's die nu wel voor een grote vrije keuze hebben gekozen dat in de toekomst niet meer kunnen, is voor ons aanleiding om te pro
testeren tegen deze in onze ogen onnodige en ernstige inperking van de vrije keuze.

De CSF geeft in haar ingezonden brief aan de vrije keuze erg belangrijk te vinden. Dit terwijl ze in eerste instantie zelfs wilden instemmen met de beperking tot nog slechts 21 stp vrije keuze. Zij vinden het geen probleem om studenten te verplichten om yf een tweede afstudeervak yf een stage te doen ten koste van de vrije keuze. Wij vinden dat de student zelf moet kiezen of hij of zij een tweede afstudeervak wil doen. Misschien wil de student wel tot generalist worden opgeleid, of misschien wil de student een klein afstudeervak doen van slechts 13 stp (bijvoorbeeld een literatuurstudie). Deze inperking van de vrijheid van de student is ons inziens nergens voor nodig.

Re:ageer