Wetenschap - 21 maart 1996

De verloren evangelien IV

De verloren evangelien IV

Verontwaardigd en bedroefd lazen wij de twee reacties in het WUB van 7 maart 1996 op het artikel dat een week eerder door het WUB was gewijd aan de lezing die de historicus Slavenburg had gehouden over de geschriften die bij Nag Hammadi zijn gevonden. Toegegeven, het artikel geeft inhoud van die avond met Slavenburg tamelijk gebrekkig weer, maar daar ging het in de beide reacties niet over. Het ging om de vermeende inhoud van het verhaal van Slavenburg, want uit de diverse opmerkingen in de reacties blijkt dat de schrijvers ervan niet aanwezig waren om dat verhaal met eigen oren aan te horen. De fundamentalistische uitspraak die deze aan mevrouw Steenstra ontlokt lijkt ons volstrekt buiten proportie dus daar maken we verder geen woorden aan vuil.

Het betoog dat Vincent Schut ophangt is op diverse punten een volledige slag in de lucht en hier en daar gespeend van iedere realiteitszin. Allereerst worden fouten van de schrijfster van het artikel in de mond van Slavenburg gelegd en ten tweede meent hij de intentie van Slavenburg te kennen en het triest te moeten vinden dat iemand speciaal naar Wageningen komt om de historiciteit van de bijbel te ontkennen. In onze ogen is het triest dat iemand die niet zelf is komen luisteren naar een dergelijke lezing meent zo verbeten te moeten reageren op de inhoud daarvan. We zouden nog verder kunnen ingaan op de andere punten uit Vincents reactie maar dat lijkt ons overbodig, we willen alleen nog dit kwijt: ervaring is iets persoonlijks, Vincent kan niet van anderen verlangen dat zij dezelfde Godservaring hebben als hij.

Dit betekent dat wanneer andere mensen andere ervaringen hebben met God, zij daar recht op hebben. Wanneer zij in dit licht van die ervaring hun inspiratie kunnen halen uit een historisch-kritische benadering van de bijbelse geschriften, mag hen ook dat recht niet ontzegd worden. Zeker niet als je dit, zoals Slavenburg, doet met de overtuiging dat het gaat om geschriften met een diep religieuze betekenis. Mensen die deze mening wel zijn toegedaan getuigen van intolerantie en een uiterst beperkte kijk op de reikwijdte van het christelijk geloof.

Re:ageer