Wetenschap - 26 juni 1997

De naam van sla

De naam van sla

De naam van sla
Plantentaxonomen openen onderzoekstuin
Om de taxonomische plantenkennis van docenten en studenten op te krikken, hebben de taxonomen Koopman en Bos een gedeelte van het arboretum ingericht als onderzoeks-expositieruimte. De slatuin van Koopman, met twintig soorten, is gereed. Via onderzoek toonde hij aan dat een andere taxonomische indeling van sla de kans op de ontwikkeling van resistente slasoorten vergroot. De zondagse arboretum-wandelaar pikt en passant wat LUW-onderzoek mee
Ir Wim Koopman en dr ir Jan Just Bos vinden het wel een leuke locatie, zo vlak tegen het Transitorium aan. Daarbinnen prutten de onderzoekers planten tot moes en bekijken ze de cellen onder de microscoop. Hier in het arboretum staan de planten in levenden lijve, in volle glorie. De plantentaxonomen maken zich zorgen over het gebrek aan plantenkennis bij de nieuwe generatie wetenschappers. De hoogleraren en docenten weten meestal nog wel hoe een zandraket eruit ziet, zegt Bos, maar ik vrees dat de meeste studenten die hiernaast bij Plantenfysiologie in de kelder werken aan zandraket, geen enkel idee hebben hoe die plant eruit ziet. Ze turen voortdurend naar de cellen en chromosomen, maar hebben geen idee dat de omgeving van het gebouw vergeven is van zandraket.
Determineercursussen en florapractica hebben de laatste jaren een marginale plaats gekregen in de studieprogramma's, en studenten zonder enige kennis van taxonomie kunnen de plank aardig misslaan, meent Bos. Hij haalt het bijna klassieke voorbeeld aan van de promovendus die jaren geleden tijdens de promotie een vraag kreeg van de Wageningse plantentaxonoom dr Hans de Wilde. Deze vroeg zich af waarom de resultaten van het promotie-onderzoek afweken van een vergelijkbare studie in Japan aan dezelfde Taraxacum-soort. Had de promovendus misschien een andere soort gebruikt? Die wist dat niet, want hij had het materiaal van de planten niet bewaard en de soort niet nauwkeurig beschreven. Het onderzoek boette in de ogen van De Wilde dan ook veel aan waarde in
Bos vraagt zijn collega-onderzoekers daarom om hun onderzoeksmateriaal te exposeren in het arboretum. Het enige dat ze moeten betalen zijn de bordjes met uitleg over het onderzoek. Behalve dat de expositie studenten wat plantenkennis bijbrengt en onderzoekers doordringt van het belang van taxonomie, is het project ook goed voor de promotie van het Wagenings onderzoek. De tuinen zijn voor de meeste bezoekers vooral een aardig park om een zondagse wandeling te maken. Prima, vindt Bos, maar het is aardig om in de tuinen ook wat meer te laten zien van het LUWonderzoek. Maak maar een mooie grote bak, zet hem helemaal vol met Arabidopsis - zandraket - en vertel erbij wat voor onderzoek aan dit plantje gebeurt. Of laat de familie van de Solanaceae zien met de aardappel, de paprika, de tomaat en al de andere mooie soorten uit diezelfde familie. De botanische tuinen kunnen zo een levende onderzoekstentoonstelling worden.
Kompassla
Aan de voet van het Transitorium hebben Bos en Koopman hun eerste tentoonstelling ingericht. Die is gebaseerd op het onderzoek van Bos aan sla. De van oorsprong plantenveredelaar onderzoekt of de taxonomische indeling van het geslacht Lactuca verbetering behoeft. Ongeveer twintig Lactuca-soorten staan netjes in rijtjes langs de vijver van het kleine arboretum. Het zaad is afkomstig uit de genenbank van het DLO-instituut CPRO. Een rijtje bestaat uit de overbekende kropsla. De kroppen zijn net te ver voor de consumptie en zullen spoedig doorschieten en gaan bloeien. Bij een aantal andere soorten kun je je voorstellen dat het familie moet zijn van onze sla. De kompassla is vooral bekend als onkruid en vertoont weinig gelijkenis; andere soorten zouden het heel goed doen als snijbloem
Moderne sla-varieteiten als lollo rosso en eikenbladsla heeft Koopman niet geplant; dat zijn varieteiten van dezelfde soort Lactuca sativa, de eetbare sla. Twee bordjes moeten de voorbijgangers duidelijk maken wat het onderzoek behelst. Volgens Koopman lukt dat goed, gezien de vele positieve reacties die hij tijdens het werk heeft gekregen
Aanleiding voor het onderzoek, dat door een aantal veredelingsbedrijven wordt gefinancierd, is de ervaring dat de Lactuca sativa slecht kruist met enkele verwante wilde slasoorten. Veredelaars zijn met name geinteresseerd in kruisingen met de wilde soorten Lactuca perennis en Lactuca tenerrima, omdat daar enkele resistenties in voorkomen die interessant zijn in de commerciele slateelt. Koopman onderzocht met behulp van genetische technieken de verwantschap tussen de verschillende soorten. De eerste resultaten wijzen er op dat de soorten die aanvankelijk nauw verwant leken met de Lactuca sativa, misschien toch niet zo dicht bij elkaar staan. De subsectie van de Cyanicae met de L. perennis en L. tenerrima, waarmee men de eetbare sla kruiste, hoort misschien toch meer tot de restgroep van verwante soorten. De sectie Mulgedium, met L. tatarica als belangrijkste soort, lijkt op basis van mijn onderzoek juist veel dichter bij de sativa te staan. Mijn aanbeveling aan de veredelaars is dan ook: kijk eens of kruising met die soorten wel lukt.
Chromosomen
Koopman wil vooral overbrengen dat taxonomie geen saaie, statische wetenschap is. Voortdurend maken nieuwe inzichten een andere indeling mogelijk en noodzakelijk. Door schade en schande wijs geworden, hebben taxonomen het afgeleerd om de definitieve indeling te presenteren. Toen ze het aantal chromosomen konden tellen, leken ze de ultieme indeling te kunnen maken. Maar als je hier nu bij deze slasoorten kijkt, hebben ze allemaal achttien paar chromosomen, behalve de L. perennis, die heeft er zestien. Op basis daarvan zou je hem dus geen Lactuca noemen, terwijl alle andere kenmerken daar wel op wijzen.
Overigens maakt de nieuwe indeling, op basis van de genetische kaart van de soorten, het wel mogelijk om op een andere manier naar de planten te kijken. De bestaande indeling, op basis van een beperkt aantal morfologische kenmerken, maakt het moeilijk voor taxonomen om onbevooroordeeld naar de planten te kijken. De nieuwe indeling is ook op basis van de morfologie zo gek nog niet. De bestaande indeling van Lactuca is voor een groot deel gebaseerd op de lengte en de hoeveelheid haartjes op het dakje van de zaden. In mijn nieuwe indeling zie je opeens ook een scheidslijn tussen de blauwbloeiende en de geelbloeiende soorten.

Re:ageer