Wetenschap - 23 februari 1997

De macht is nu geconcentreerd bij een aantal personen

De macht is nu geconcentreerd bij een aantal personen

De macht is nu geconcentreerd bij een aantal personen
Wageningse studenten missen communicatie over fusieproces
De studenten bij de WSO en de PSF volgen de gedachten over het kenniscentrum Wageningen op de voet. De fusie tussen DLO en LUW gaat lang duren, denken ze, omdat de culturen sterk van elkaar verschillen. Bovendien communiceren de plannenmakers slecht met de werkvloer
Het zou de Wageningse studenten niet verbazen dat de vorming van het kenniscentrum Wageningen, de fusie van Landbouwuniversiteit en Dienst Landbouwkundig Onderzoek, tot doel heeft om flink te bezuinigen. Iedereen denkt het, niemand zegt het: de reorganisatie gaat ook om het geld, stelt Jan van Haarst van de Wageningse Studentenorganisatie (WSO). Nu herbergen LUW en DLO nog zo'n zesduizend wetenschappers; met een beetje nattevingerwerk blijven er nog vier- a vijfduizend over. Een fusie kost geld in het begin, maar geen van beide organisaties heeft dat geld.
Samen met Gijs Schilthuis en Roos Wolfensberger van de Progressieve Studentenfractie (PSF) volgt Van Haarst de totstandkoming van het kenniscentrum Wageningen. De studenten laten zich niet onbetuigd bij de discussie over de reorganisatie. Ze hebben minister Van Aartsen een brief gestuurd en hebben gesprekken gevoerd met het ministerie en met DLO. Schilthuis over dat laatste gesprek: Wij konden nog simpele dingen uitleggen over hoe de LUW werkt, omgekeerd ook. Je fietst langs de DLO-gebouwen, maar wat weet je ervan? LUW en DLO zijn zo verschillend; de fusie gaat vijf tot tien jaar duren.
Schilthuis ziet toekomst in het ideaalbeeld van de minister: Wageningen als topinstelling in de wereld. Het voordeel is dat Wageningen overleeft als zelfstandige universiteit en geen dependance wordt van de Universiteit Utrecht. Daar hebben de studenten baat bij, meent Schilthuis, want de onderwijskwaliteit en studentenvoorzieningen in Wageningen steken boven het landelijk gemiddelde uit. Als we met studenten van andere universiteiten overleggen, blijkt dat het elders vaak veel slechter is.
Toch zijn de studenten bang dat het onderwijs de komende jaren raakt ondergesneeuwd, omdat de bestuurders veel tijd nodig zullen hebben om het onderzoek af te stemmen. De fusie kan voordelen hebben voor het onderwijs, denkt Wolfensberger, omdat de DLO-mensen studenten kunnen begeleiden. Dan moeten die docenten echter ook begeleid worden, want niet iedereen kan onderwijs geven. Volgens Schilthuis wordt het enorm belangrijk dat de pas opgerichte onderwijsinstituten, waarin de studenten een zware stem hebben, krachtige clubs worden
Voorzitters
De belangrijkste kwestie is echter dat de culturen van LUW en DLO erg verschillend zijn, meent het drietal. DLO is veel bedrijfseconomischer bezig en de organisatie is sterk gedecentraliseerd. De LUW is meer een academische club, waar vrijuit wordt gesproken over onderzoek en beleid. De studenten willen dat de universiteit een open organisatie blijft
Al met al bevat de notitie van Van Aartsen veel onderwerpen waarover in Wageningen een nadere discussie nodig is, meent Schilthuis. Alleen komt die discussie op dit moment niet van de grond. Het is namelijk onduidelijk wie het op dit moment voor het zeggen heeft in Wageningen. De beide voorzitters van LUW en DLO zijn vertrokken, de universiteitsraad heeft straks weinig te vertellen en je hebt nog enkele professoren die een stuk schrijven over het kenniscentrum. De macht is nu geconcentreerd bij een aantal personen, die vertrouwelijk over de reorganisatie praten. Daardoor is de communicatie met de werkvloer slecht en hangt de reorganisatie al sinds mei vorig jaar in de lucht. De nieuwe voorzitter van het kenniscentrum moet dus snel worden benoemd, meent Schilthuis
Van Haarst en Schilthuis hopen dat de minister een vrouw als nieuwe Wageningse voorzitter benoemt, maar Wolfensberger vindt deze positieve discriminatie niet zo van belang: als de nieuwe maar toegewijd is en oog heeft voor onderwijs en onderzoek. Schilthuis vraagt zich af of er mensen uit het bedrijfsleven staan te springen voor deze functie. Je moet aan een fusieproces trekken; dat is niet niks. Tot slot vinden ze het belangrijk dat de nieuwe voorzitter een mooie naam heeft, waarop goed valt te rijmen. Waarmee ze maar willen aangeven dat mooie protestspandoeken tegen slecht beleid ook een onderdeel zijn van de universitaire cultuur

Re:ageer