Wetenschap - 30 januari 1997

De consument wordt vergeten bij duurzame productie

De consument wordt vergeten bij duurzame productie

De consument wordt vergeten bij duurzame productie
Spaargaren over ecologische modernisering
Bij de ecologische modernisering van de maatschappij moet meer aandacht worden besteed aan de dynamiek van het consumentengedrag. Dit stelt milieusocioloog dr G.J. Spaargaren in zijn proefschrift The ecological modernization of production and consumption, waarop hij 28 januari promoveerde. Het gedrag van de consument is vaak bepalend voor het succes van milieutechnologie.
De manier waarop de Wageningse milieusociologen naar de samenleving kijken, is in belangrijke mate gebaseerd op het paradigma van Joseph Huber. Deze Duitse wetenschapper poneerde tien jaar geleden in zijn boek Die verlorene Unschuld der Okologie een uitdagende stelling: de samenleving kan milieuvriendelijk worden zonder dat de economische groei wordt afgeremd. In plaats van kwantitatieve moet kwalitatieve economische groei plaatsvinden, waarbij de samenleving gebruik maakt van hoogwaardige technologie. Gebruik van end of pipe-technologie is het beginstadium, de aanpassing van het hele productieproces het eindstadium
Dit ecologisch moderniseringsproces is volgens Huber en de Duitse wetenschapper Martin Janicke een logische stap in de industriele evolutie. Net zoals de rups die verandert in een vlinder. De industrie loopt tegen haar ecologische grenzen aan en wordt gedwongen haar processen op andere leest te schoeien. De theorie was een eye opener voor de milieubeweging, die begin jaren tachtig nog vasthield aan grenzen aan de groei. Inmiddels is ecologische modernisering in veel geledingen van de maatschappij doorgedrongen. De industrie, de overheid, kleine bedrijven en de consumenten zijn, in meer of mindere mate, bezig met het doorvoeren van milieumaatregelen
Kloof
Spaargaren spitst zijn proefschrift, een zestal theoretische essays, toe op het verfijnen van deze theorie. Volgens hem behoeft de theorie vooral op microniveau - het consumentenniveau - nadere invulling. Het accent is vooral komen te liggen op de technologische aanpassing van productieprocessen: hoe kun je van de wieg tot het graf de productie milieuvriendelijker maken. De consument wordt een beetje vergeten, terwijl die een zeer belangrijke rol speelt in het welslagen ervan. Tussen productie en consumptie gaapt nu nog een enorme kloof.
Stel dat je fosfaatvrije wasmiddelen wilt hebben. Volgens Huber moet je dan de industrie onder druk zetten. Dan komt er een fosfaatvrij wasmiddel en gaat de rest vanzelf. Maar daarmee redt je het niet. Volgens de milieusocioloog komt het regelmatig voor dat milieuvernieuwing aan de productiekant heeft plaatsgevonden, maar dat de consumenten deze niet op de juiste manier gebruiken
Een tweede voorbeeld. In een rijtje van negen huizen was door de architect een serre neergezet. Deze moest leiden tot energiebesparing. De serre diende als een soort isolatiebuffer tussen buiten- en binnenmilieu. Maar na een aantal jaren hadden de bewoners, behalve de architect zelf, allemaal het muurtje tussen serre en huiskamer weggehaald, omdat ze de huiskamer wilden vergroten. Aangezien de ramen van de serre enkel glas bevatten, leidde de serre tot energieverspilling in plaats van een besparing. De bewoners hadden de ratio achter de serre dus niet begrepen. Zo zijn er legio voorbeelden. De gedragskant is vaak bepalend voor het succes van de milieutechnologie.
De overheid worstelt ook met het gedrag van de consument, aldus Spaargaren. Deze probeert via doelgroepen het milieubeleid te sturen. Over de consument als doelgroep beklaagt de overheid zich meestal. Die is zo moeilijk te bereiken en te sturen, hoor je dan. Ze vragen regelmatig om eens op de proppen te komen met nieuwe theorieen en modellen.
Kuddedieren
Volgens Spaargaren moet de dynamiek van het consumentengedrag veel beter begrepen worden. Zijn hypothese is dat mensen eigenlijk heel routinematig handelen bij aanschaf of gebruik van producten. Mensen gebruiken iets omdat hun omgeving dat ook doet. Negatief gezegd: mensen zijn kuddedieren in hun consumptiegedrag.
Eigenlijk zouden wetenschappers heel nauwkeurig de gedragspraktijken van consumenten moeten bestuderen, meent de socioloog. Je zou in het alledaagse leven moeten bekijken hoe mensen op een bepaald moment handelen. Dan zie je waar de mogelijkheden liggen voor verbetering. Dat kan van praktijk tot praktijk verschillen. Zo zou Spaargaren dolgraag de gedragspraktijk van verhuizen bestuderen. Bij de Novem ligt al een tijdje een onderzoeksvoorstel ter beoordeling. Bij verhuizen raken mensen uit hun routine. Ze moeten tal van keuzes maken. Wij willen bekijken hoe mensen die besluiten nemen, op grond waarvan. Als mensen heel duidelijk bepaalde milieucriteria laten meewegen, zou je daarmee naar makelaars kunnen stappen. Die kunnen die criteria dan laten meewegen bij de verkoop van woningen. In de advertentie zou dan ook komen te staan: met zonneboiler of zonnepanelen.
Via deze weg kan in onderdelen een vergroening optreden van een life style, verwacht Spaargaren. Vooral in de interactie tussen micro- en macroniveau liggen de mogelijkheden voor verbetering. Daar ligt mijn fascinatie. Uitspraken als mensen moeten hun auto laten staan klinken wel lekker, maar daarmee kom je in de praktijk niet zoveel verder.

Re:ageer