Wetenschap - 18 september 1997

De behoefte aan informatie over luchtverontreiniging

De behoefte aan informatie over luchtverontreiniging

De behoefte aan informatie over luchtverontreiniging
Penny Kloprogge, Milieuhygiene
Het is niet makkelijk onderzoek te doen voor drie partijen, zeker als die partijen een uiteenlopende benadering voor ogen hebben. Zesdejaars Milieuhygiene Penny Kloprogge weet er alles van. Ze voerde bij TNO in Apeldoorn een onderzoek uit naar de informatiebehoefte van luchtkwaliteitsambtenaren, onder begeleiding van de vakgroepen Luchtkwaliteit en Voorlichtingskunde. De cultuurverschillen tussen de technisch ingestelde TNO-medewerkers en de meer sociale aanpak van Voorlichtingskunde waren enorm. Ik ben de eerste die zo'n sociaal getint onderzoek heeft gedaan bij TNO, zegt Kloprogge. Ze voegt toe dat TNO dit soort onderzoek wel heel graag wilde, juist omdat het nu ontbreekt
Haar begeleiders op de universiteit hebben al te kennen gegeven tevreden te zijn over haar werk, maar of haar onderzoek straks de status van formeel TNO-rapport krijgt, weet ze nog niet. Zelf zou ze het wel leuk vinden, zo'n officieel kaftje om haar werk. De vrees dat haar verslag straks ongebruikt in een la verdwijnt, is echter niet geheel ongegrond. Kloprogge beseft dat haar verslag niet brengt wat TNO had gehoopt: de informatiebehoefte van de Nederlandse gemeenten op het gebied van luchtverontreiniging. Daar komt nog bij dat een deel van de ondervraagde ambtenaren volgens Kloprogge helemaal niet op extra informatie zit te wachten. Voor TNO een moeilijk te verteren boodschap
Kloprogge interviewde voor haar afstudeervak ondermeer zes luchtkwaliteitsambternaren. Het is hun taak te kijken of de luchtvervuiling binnen de wettelijke grenzen blijft. Daartoe verzamelt de ambtenaar bijvoorbeeld informatie over het aantal rondtoerende auto's, de belangrijkste bron van luchtvervuiling. Met behulp van een model kan hij vervolgens berekenen wat een aanpassing van het verkeersplan plaatselijk betekent voor de uitstoot van benzeen, koolmonoxide en stikstofoxide
De gebruikte modellen zijn eenvoudig en soms niet eens ontwikkeld voor het doel waarvoor ze worden gebruikt. De geleverde informatie is daarom weinig nauwkeurig. Een algemeen model dat de gegevens van verschillende vervuilingsbronnen combineert, ontbreekt. TNO werkt aan de ontwikkeling van zo'n totaalmodel en heeft daarvoor onderzoek gedaan naar de informatiebehoefte van de gemeente Leiden. Voor haar afstudeervak heeft Kloprogge meer algemeen gekeken naar de behoefte van gemeenten aan gegevens over luchtkwaliteit
Toen ze aan haar onderzoek begon, dacht Kloprogge dat de informatiebehoefte van gemeenteambtenaren heel groot zou zijn. Je weet gewoon dat de modellen die ze nu gebruiken niks voorstellen. De praktijk blijkt anders. Kloprogge deelt de ambtenaren in twee groepen in. De ene groep wil graag meer gegevens, bijvoorbeeld informatie over de gezondheidseffecten van luchtvervuiling. Voorwaarde is wel dat die kennis wordt onderbouwd door harde cijfers. Zonder harde cijfers gebeurt er niks met informatie over vervuiling, zolang alles maar binnen de wettelijke normen blijft, vertelden de ambtenaren
De andere groep ambtenaren heeft geen behoefte aan extra informatie. De bestuurders doen er toch niks mee, denken ze. Luchtkwaliteit staat politiek niet zo hoog op de agenda. Zolang geen sprake is van stankoverlast, klagen omwonenden ook weinig over luchtvervuiling. Daar komt bij dat gemeenten een deel van het probleem ook niet kunnen oplossen. Op de uitstoot van auto's hebben ze nauwelijks invloed. Een deel van deze ambtenaren is flink gefrustreerd, zegt Kloprogge
Opvallend vond Kloprogge dat de ambtenaren zo duidelijk in twee groepen vielen. Je zou verwachten dat het er meer tussenin zit. In haar aanbevelingen adviseert ze dan ook uit te zoeken hoe de Nederlandse gemeenten over beide groepen zijn verdeeld en vooral waarom ze in zo'n categorie vallen. Zelf denkt ze dat grote gemeenten een grotere behoefte aan informatie hebben. Grotere plaatsen hebben te maken met grotere verkeersstromen, en daarnaast zal een ambtenaar die zich in deeltijd met luchtkwaliteit bezig houdt, zich eerder beperken tot controle of de wettelijke normen niet worden overschreden
Bij de aanpak van haar onderzoek heeft Kloprogge de ambtenaren bewust niet voorgehouden welke extra informatie TNO kan leveren. Daarmee wilde ze voorkomen dat ambtenaren onder de indruk van de mooie mogelijkheden zouden aangeven die informatie ook nodig te hebben. In plaats daarvan besprak ze met de ambtenaren de problemen en de informatiebehoefte. Voor TNO was die aanpak ongebruikelijk, zo bemerkte Kloprogge. Zij benaderen 't probleem veel technischer. Wat moeten ambtenaren volgens de bestaande richtlijnen berekenen en welke gegevens heb je daarvoor nodig. Zo kun je de informatiebehoefte haast achter je bureau bedenken.
Het begin van het onderzoek was ontzettend moeilijk. Ik ben heel lang blijven zweven. Ik wist nog niet precies wat ik zou gaan doen. Bovendien was TNO huiverig om me namens hen op pad te sturen. Na de eerste interviews ging het wat makkelijker. Ook omdat ik toen naar TNO-medewerkers kon stappen met de mededeling: het zit helemaal niet zoals jullie denken.
Ik heb er veel van geleerd. Konkelen om het maar eens lelijk te zeggen. Dat is diplomatiek sturen, zodat je onderzoek de kant opgaat die jij wilt en iedereen het er mee eens is.

Re:ageer