Wetenschap - 12 november 1998

De Wolfswaard

De Wolfswaard

De Wolfswaard
Roeiend naar college
De schapen evacueren, losliggend hout vastbinden tegen het wegdrijven, de bijenkasten verplaatsen, de fietsen aan de overkant neerzetten, de vetput schoonmaken, maar ook de groenten en de planten uit de tuin halen en een pomp in de kelder installeren. Het zijn een paar van de voorzorgsmaatregelen die de zestien bewoners van de Wolfswaard, een woonboerderij midden in de uiterwaarden, moesten nemen om de wateroverlast het hoofd te bieden
Het is vrijdag 6 november. Enkele bewoners varen in het kleine roeibootje van de Wolfswaard richting huis. De hoogste waterstand is gisteren genoteerd. De Rijn trekt zich weer terug in haar bedding. In het avondschemer dobbert de afnemende maan in het water. Als het kleine bootje een spoor over de bevloeide weilanden trekt, licht het verstoorde wateroppervlak glinsterend op. Het vaartuig, speciaal aangeschaft voor hoog water, heeft de afgelopen week zijn diensten weer bewezen. Voor de bewoners van de Wolfswaard was drie dagen lang varen de enige manier om droog het Wageningse vasteland te bereiken. De extreme hoeveelheid regen van deze herfst heeft het areaal rondom de statige woonboerderij geminimaliseerd tot een eilandje van tientallen vierkante meters
Na het aanmeren, in een behaaglijk warme keuken, vertelt Marre Loefs over haar avonturen met het hoge water. Gisteravond ging het er heftig aan toe, begint Loefs, bestuurslid van studentenroeivereniging Argo. Er stond een keiharde wind en de regen kwam met bakken uit de hemel. We moesten naar huis en wachtten op het bootje waarmee twee andere huisgenoten naar dansles wilden gaan. Eenmaal in het bootje viel de overtocht zwaar tegen. Ik had echt het gevoel in een notendop op volle zee te zitten; je ziet niks voor je, je schudt enorm heen en weer, en je komt geen meter vooruit.
Harmen Hendriksma, tweedejaars Biologie, was op dat moment thuis. Ik verwachtte ze ieder ogenblik hier, maar ze deden er wel erg lang over. Dan raak je toch wel bezorgd. Gelukkig zag ik ze nog staan aan de overkant. Inderdaad waren de meiden terug geroeid, of liever gezegd, terug geblazen. Er was geen andere keus dan zonder laarzen door het meer dan kniehoge water te banjeren om uiteindelijk met een uur vertraging te arriveren. En koud dat het was!
Hendriksma beleefde eerder deze week samen met zijn vriendin een soortgelijk avontuur. Het bootje was toen niet beschikbaar omdat er niemand was die terug naar de boerderij kon roeien. Ze moesten toch het water door. Dus dacht hij bij zichzelf: broek en schoenen uit en lopen maar. Toen bemerkte ik pas dat ik geen onderbroek aan had... stond ik daar in mijn adamskostuum. Ik heb die van mijn vriendin maar aangetrokken. Gelukkig had ze er een van mij aan. Hoffelijk nam hij haar vervolgens op zijn schouders en droeg zijn partner in zijn boxershorts, op blote voeten, tweehonderd meter door het koude stromende water
Luisterend naar de enthousiaste verhalen wordt een ding duidelijk: de vier studenten die hier wonen, vinden het hoge water eerder leuk dan vervelend, temeer omdat het voor hen de eerste keer is. Ook vandaag, terwijl het water laag genoeg staat om de weg weer te kunnen gebruiken, nemen ze nog even het bootje. Loefs: Als je hier komt wonen, weet je en hoop je dat de boel een keer overstroomt. Het is toch gaaf, roeiend naar college. Te laat komen mag; kan je mooi zeggen dat je de boot hebt gemist.
De niet alledaagse situatie trekt vanzelfsprekend nieuwsgierigen. Irmen Mantingh herinnert zich een vreemd geval. Ik kwam 's nachts om half een thuis en zag een jongen met een fiets. Ik zei dat het moeilijk terugkomen was door het water, waarop hij antwoordde: Dat geeft niet hoor, ik ben namelijk een ramptoerist.
Het hoge water brengt natuurlijk ongemakken met zich mee. De oude garde van de Wolfswaardbewoners weet er wel raad mee, de onervaren studenten wat minder. Student Tropisch landgebruik Ellen Heeres: Wij hadden zoiets van: Ach, komt wel goed, het water stijgt niet zo snel. Daar vergisten ze zich lelijk in. Hendriksma haalt nog even het evacueren van de kleine dertig schapen aan. We zaten te twijfelen of we de laatste schapen ook zouden verplaatsen want het water stond nog aardig ver weg. Gelukkig hebben we dat wel gedaan; een paar uur later stond het hele weiland vol.
Bij het redden van hun wollige huisdieren trokken ook de muizen hun aandacht. De kleine knaagdieren hadden zich massaal verzameld op de hooggelegen delen van het weiland en krioelden over de nog niet ondergelopen eilandjes. We hebben er zoveel mogelijk proberen te redden, maar het waren er te veel, zegt Heeres. De overgebleven muizen vielen ten prooi aan het water en de meeuwen
Rondom de Wolfswaard is het een grote beestenboel. Het paard Aranka deelt de kleine stal met een flink aantal zenuwachtig ronddribbelende schapen. In een donkere hoek knorren de varkens Beatrix en haar zoon Alexander ongeduldig om een paar scheppen voer. Hendriksma bedient hen met wat bekers krachtvoer, waarvan de twee onkoninklijk beginnen te schransen. Naast de muizen zijn ook tal van egels, ratten en mollen gesignaleerd die het droge erf op zijn gevlucht. Huisgenoot Niels Gilissen heeft een paar bijzondere vogelsoorten kunnen spotten en de katten hebben door de overvloed aan knaagdieren de tijd van hun leven
Het hoge water verbroedert. De bewoners spreken af wie wanneer met de boot vaart en in de boot klinken liedjes die jonge Wolfswaardertjes tijdens de oversteek gerust moeten stellen. Het schept een gemoedelijke sfeer. Iedereen draagt zijn steentje bij. Gilissen is chef-hoogwater en houdt zijn huisgenoten op de hoogte van de actuele waterstanden. Gert-Jan Kat speelt bij hoog water voor postbode. Het leegpompen van de kelder en het terugzetten van de geevacueerde planten regelt Joris Visschers. Er zullen straks weer een hoop belangstellenden zijn die vragen hoe het allemaal is gegaan, weet hij uit ervaring. Loefs ziet er wel brood in. We gaan chocolademelk verkopen aan de ramptoeristen, dan verdienen we er nog wat aan.

Re:ageer