Wetenschap - 9 februari 1995

De Grebbedijk bij Wageningen wordt versterkt

De Grebbedijk bij Wageningen wordt versterkt

Mer-procedure van start, uitvoering in 1996 verwacht

Wageningen kreeg geen natte voeten tijdens de watersnood afgelopen week. Het toeval wilde dat, toen het water zijn hoogste stand bereikte, de inspraak startte voor versterking van het dijkvak Wageningen-Rhenen. Een maand lang mogen burgers, bedrijven en boeren aangeven welke natuur- en cultuurwaarden op en langs de dijk over het hoofd zijn gezien. Gaat de inspraak jaren voortslepen?


De zwakke plek in de dijk nabij het Wageningse zwembad werd afgelopen week preventief versterkt met plastic en grind. De rest van het dijkvak hield zonder hulp van buitenaf stand. Maar de dijk moet op meerdere plaatsen worden versterkt, aldus de deskundigen. Al geruime tijd liggen er plannen in de kast, maar om verschillende redenen is nog geen actie ondernomen.

Aan de dijkversterking van de Grebbedijk wordt al sinds 1977 gewerkt. Maar het toenmalige Dijkschap Grebbedijk kwam alleen toe aan het beheer van de dijk. Geld of deskundigheid voor dijkversterking ontbraken. In 1981 verscheen een basisplan, maar het bleef stil tot 1989. Toen pakte de nieuwe en grotere dijkbeheerder, het waterschap de Gelderse Vallei, de draad weer op. En het is al 1992 als er een uitgewerkt plan ligt, tijdens een heuse inspraakavond.

Dit plan voorzag ondermeer in het verleggen van de Grebbedijk, ter hoogte van de Wageningse stadsgracht, richting uiterwaarden. Met deze buitendijkse oplossing werd de strang (oude rivierarm), van grote cultuurhistorische waarde, opgeofferd. Ook zou bijvoorbeeld de begane grond van het Dijkstoelhuis en Grebbedijk 6, beide Rijksmonumenten, met beton gevuld worden. De toenmalige projectleider van Heidemij had de in die tijd gebruikelijk boodschap in dijkversterkingsland; Take it or leave it.

De gemeente Wageningen koos voor het laatste. In het bestemmingsplan was ter plekke van de strang de bestemming dijk uitgesloten, terwijl de stadsgracht als Rijksmonument afdoende beschermd is. Bovendien wist wethouder ir H.G.M. Geenen (D66) toen al dat zijn partijgenoten Terlouw en parlementarier Eisma de latere herijking van de dijkversterking a la Boertien voor elkaar zouden krijgen. Wageningen zag af van inspraak.

De gemeente praat nu wel mee in de adviesgroep die door het Waterschap Gelderse Vallei en (Utrechtse) Eem in het leven is geroepen. In die adviesgroep zitten ook vertegenwoordigers van de provincies, gemeente Rhenen, de stichting Red ons Rivierlandschap, Bond Heemschut, de Gelderse Milieufederatie, Rijkswaterstaat, Landbouwschap en bewoners. Deze brede groep was intensief betrokken bij de startnotitie ten behoeve van de Milieu-effect-rapportage (Mer). Deze was in november 1994 gereed en wordt nu voorgelegd voor de inspraak.

Zal de inspraak de dijkversterking ophouden? De woordvoerder van de Gelderse Milieufederatie, ir H.H.R. van Loenen Martinet, denkt dat de procedure nog zeker enige jaren zal duren. Voor de Grebbedijk is uitvoering na juli 1996 voorzien; nog maar anderhalf jaar dus. Terwijl de polderdistricten in de Betuwe een voorbereidingsduur van drie tot vier jaar voor vergelijkbare dijkvakken hanteren. En vergeet niet dat dit waterschap maar een dijk heeft en dus niet zo ervaren is."

Projectleider drs. M. Elbers van de Heidemij, die de startnotitie heeft opgesteld, ziet ook weinig kans tot versnelling van de milieu-rapportage: In theorie kan dat, maar de ambtenaren van Rijkswaterstaat, de provincie en de vertegenwoordigers van de actiegroepen zijn betrokken bij tientallen Gelderse dijkvakken. Het vergt enige planning, en dus tijd, als deze mensen alle vergaderingen in het Gelderse moeten bijwonen", meent Elbers.

Ook het waterschap wil de inspraak niet buitenspel zetten, teneinde het dijkvak snel te versterken. De milieu-rapportage gaat niet van tafel, verzekert medewerker waterkering, ir P. Neijenhuis. Maar zaken moeten niet te lang op het bureau blijven liggen."

Versnellen

Volgens dr ir H.P.A. Eweg, gemeenteraadslid en medewerker van de vakgroep Ruimtelijke Planvorming met dijkversterking in de portefeuille, kan de procedure wel worden versneld. Van insprekers mag verwacht worden dat zij in twee weken reageren, in plaats van vier weken. Voorheen lag een Mer-notitie zelfs drie maanden ter inzage." Volgens Eweg zal de dijkversterking slechts kleine wijzigingen in bestemmingsplannen nodig maken. Hij denkt die met de snelle artikel 19-procedure voor elkaar te krijgen.

Als de inspraak is afgerond, komt de Heidemij eind deze zomer met een plan. De provincie Gelderland moet dat dijkverbeteringsplan goedkeuren en trekt daar, blijkens het Gelders rivierdijkenplan, maximaal 21 weken voor uit. Daarna kan de dijkbeheerder een procedure tot aanbesteding starten, waarna de schop op zijn vroegst medio 1996 de grond in kan.

Nu lijken voor het dijkvak Wageningen-Rhenen geen ingrijpende aanpassingen nodig. Over de hoogte van de dijken kan Wageningen, met het achterland tot en met Amersfoort, opgelucht ademhalen. De hoogte is meer dan voldoende; bij dijkpaal 15 zelfs 75 centimeter.

Maar de dijk is niet stabiel genoeg. Zo is het buitendijkse talud tussen de Wageningse haven en de veerweg naar Opheusden niet voldoende waterdicht en erosiebestendig. Door de druk van het wassende rivierwater kunnen gronddeeltjes uit het binnentalud losraken. Daarnaast stroomt water door de zandige bodem onder de dijk door, waardoor zand achter de dijk wegspoelt en de dijk wordt ondermijnd.

Kant en klare oplossingen worden, in tegenstelling tot het verleden, echter niet gemaakt in de startnotitie. Heidemij-projectleider Elbers legt uit dat alleen de ongeschikte oplossingen, zoals een nieuwe dijk in de uiterwaarden of in de polder achter de dijk, zijn uitgesloten. De agrarische belangen en de natuurontwikkeling staan dat in de weg. Ook de optie om de dijk met een verticale damwand intern te versterken, wordt afgewezen; dat is veel te duur.

Natuurwaarden

De dijken moeten worden verbreed. De keuze die dan overblijft, is of het binnen- of buitentalud, of beide kanten van de dijk moeten worden versterkt. Daarom heeft de adviesgroep, na het opdelen van de Grebbedijk in acht stukjes, beoordeeld hoe die oplossingen uitpakken voor landschap, natuur, cultuurhistorie en sociaal-economische waarden.

De notitie gaat in op de aanwezige stroomdalflora en potentiele natuurwaarden, en de cultuurhistorische waarde van de fortificaties aan de voet van de Grebbeberg (de Grebbelinie). En aan de dijk bij Wageningen kent de notitie een grote waarde toe. Buitengewoon karakteristiek is het contrast tussen de open uiterwaard, de stadsbebouwing van het centrum en de beboste zuidhelling van de Wageningse Berg."

De Heidemij gaat nu gedetailleerde versterkingsvarianten uitwerken voor alle acht stukjes Grebbedijk. Maar hoe worden de belangen afgewogen, wanneer gaat de ene waarde boven de andere? Volgens projectleider Elbers gaat nu het loven en bieden in de adviesgroep beginnen. Bij het ene stukje zal bijvoorbeeld de natuur inleveren, terwijl verderop de cultuurhistorie inlevert.

Maar is dit de door Boertien bepleitte integrale aanpak? Zo kan het zo gewaardeerde karakter van de dijk, steil en smal, verwateren door dan weer binnen-, dan weer buitendijks en dan weer zowel binnen- als buitendijks te versterken. Van Loenen Martinet gelooft meer in de aanpak zoals die in het dijkvak tussen Afferden en Dreumel is gehanteerd. Daar is door landschapsarchitect ir L. van Nieuwenhuijze van het bureau N+H+S een variant, een dijkprofiel als oplossing geschetst. Daarmee is de steeds terugkerende discussie over dan weer een stukje steil en dan weer een stukje flauw talud om knelpunten op te lossen van de baan." Maar het betrokken Polderdistrict Maas en Waal heeft in de Gelderse Dijkenkrant al uitgesproken dat de knelpunten daarmee niet omzeild worden.

Scoren

Politicus Eweg pleit daarom voor de multi-criteria analyse. Dit Groningse model scheidt het subjectieve van het objectieve deel in de Heidemij-aanpak. Eerst bepalen deskundigen hoe de dijkversterkingsvarianten scoren op het gebied van natuurwaarde, cultuurhistorie en landschapswaarde. De waarden moeten in een cijfer, van 1 tot 10, worden uitgedrukt. Vervolgens moet de politiek een volgorde aanbrengen in veiligheid, landschappelijke, ecologische en cultuurhistorische waarden. Een computerprogramma berekent vervolgens de meest wenselijke dijkversterking.

Elbers over de verwachte oplossingen: Ik wil er vergif op innemen dat de fortificaties onderaan de Grebbeberg blijven." Ook verwacht hij dat de tuintjes in de Havenstraat en in het algemeen de bebouwing" gespaard blijven. Het voorstel in de startnotitie, waarbij om het industrieterrein langs het Havenkanaal een dijk wordt gelegd, lijkt hem uit den boze. Want dat is erg duur, en de extra veiligheid is gering.

Daarmee lijkt het onvermijdelijk dat dijkversterking aan de kant van de uiterwaarden gaat plaatsvinden. Tast die ingreep de aanwezige flora aan? De Wageningse onkruidkundige dr K.V. Sykora weet uit onderzoek langs dijken dat veel stroomdalflora verdwenen is door intensieve bemesting, beweiden met schapen en het laten liggen van maaisel. Zo ook langs de 5 kilometer lange Grebbedijk, blijkt uit de startnotitie.

Wil deze stroomdalflora, die een goede bescherming biedt tegen erosie bij hoog water, zich vestigen, dan moet minimaal 30 centimeter zandige klei worden opgebracht. Zo'n kruidenrijke vegetatie verspreidt zich op de dijk met slechts 50 centimeter per jaar, weet Sykora uit een promotie. De dichtstbijzijnde zaadbron is de voet van de Grebbeberg. Maar er zijn trucjes, zoals het op schoven neerzetten van maaisel, zodat het zaad een handje wordt geholpen.

Dergelijke natuurbouw kost geld, maar het is de vraag of het Rijk ook voor dit soort activiteiten met geld over de brug komt. De provincie betaalt 70 tot 80 procent van de kosten voor dijkversterking, maar in het Gelders Rivierdijkenplan is slechts 750 duizend gulden per jaar gereserveerd voor beheer en onderhoud langs ruim vierhonderd kilometer dijk. Dat is twintig procent van de door de waterschappen gemaakte kosten. De rest moet komen van de boeren en de Wageningse burgers. Deze laatsten betalen dit jaar voor het eerst mee aan het onderhoud van de dijk via een waterschapsbelasting.

Op 23 februari is er een inspraakavond over de startnotitie in 't Paviljoen, Grebbeweg 103-105, Rhenen.

Re:ageer