Wetenschap - 18 januari 1996

Crediteuren, debiteuren

Crediteuren, debiteuren

Rondkomen met een beurs

Ondanks een karig inkomen weten studenten zich financieel te redden. Er blijft soms zelfs wat geld over voor een gezamenlijke magnetron.


Op 1 januari ging er weer eens 45 gulden van af. Van de basisbeurs. Ooit zeshonderd gulden groot bedraagt de beurs thans amper tweederde van dat bedrag. Een schamele som, net genoeg voor huur en telefoon. Steeds meer studenten hebben dan ook een bijbaantje, was een voorspelbare conclusie van de jaarlijkse enquete onder Nijmeegse studenten. In Wageningen blijkt, afgaande op een enquete van de Stichting sociale huisvesting Wageningen (SSHW) onder haar huurders, dat het studenteninkomen ver achterblijft bij de norm van 1142 gulden, die het ministerie van onderwijs sinds vorig jaar hanteert.

In ieder geval wordt de huur netjes en bijna altijd op tijd betaald, verzekert adjunct-directeur Jan Harkema van de SSHW. Slechts enkele huurders - in de orde van grootte van een half procent op jaarbasis - moeten wel 'ns tot betalen worden gemaand. Maar uitzettingen wegens schulden zijn hoogst ongebruikelijk. Twee tot drie per jaar. En dat is al jaren zo.

Alles goed en wel, maar hoe komt een student met een inkomen van dik onder de duizend gulden per maand uberhaupt rond, als de huur al 350 gulden bedraagt? Daarvoor toch maar 'ns een echte student op een willekeurige afdeling gebeld. Jeroen. Jeroen heeft maandelijks achthonderd gulden te besteden, opgebouwd uit basisbeurs en aanvullende beurs. Werken doet hij niet. Geen tijd. Z'n ouders betalen het collegegeld, voor de rest is het geleidelijk interen op spaargeld uit een eerder leven.

Achthonderd gulden. Wat je daar allemaal niet van kan doen: Jeroen gaat niet naar het buitenland op vakantie, hij draagt geen spijkerbroeken van merken als Levi's of Diesel. Jeroen gaat niet uit drinken in etablissementen in de Wageningse binnenstad.

Wat Jeroen wel kan: hij koopt studieboeken, want kopieren vindt hij maar niks. Hij draagt zijn broek van merk X tot de laatste draad af. Jeroen gaat af en toe naar de kroeg onder aan de flat. Voor zijn boodschappen gaat hij naar de C1000, waar hij let op eventuele aanbiedingen, net als de rest van de afdeling. Al met al houdt Jeroen zo zelfs nog geld over voor de regelmatige aanschaf van een ceedeetje.

Wat vindt Jeroen van zijn inkomenssituatie? Hij heeft er geen last van. Een huur van 364 gulden in de maand is weliswaar wat veel voor een kamertje zonder eigen water, maar hij rooit het wel. Kortom, Jeroen heeft niet het gevoel van O, o, wat erg, ik moet van alles laten. Zou hij meer geld hebben, dan zou dat toch maar opgaan aan wat hij noemt onzinnige dingen. Desalniettemin vindt hij het jammer dat hij z'n ov-studentenkaart niet kan inwisselen voor geld. Die kaart gebruikt hij toch nauwelijks, want zijn ouders wonen in de buurt.

Mist Jeroen dan helemaal niks? Ja, toch wel. Hij heeft zijn hobby - paardrijden, Dat kost wel een paar centen - voor onbepaalde tijd moeten opschorten. Tevens heeft hij helaas een aanbieding van een auto, afkomstig van zijn ouders, moeten afslaan. De daarmee gepaard gaande vaste lasten passen niet in het budget.

Kent Jeroen tot slot schrijnende gevallen in zijn omgeving? Nee, bij zijn weten niet echt.

Dat geldt min of meer ook voor studentendecaan mr Jan van Bommel. Af en toe komt weliswaar een enkeling langs met de vraag of Van Bommel wellicht werk weet; voor de rest wordt de deur van de studentendecaan niet direct platgelopen door wanhopige, door torenhoge schuldenlasten geplaagde studenten. Wel merkt Van Bommel - drieenhalf jaar decaan - dat studenten vaker langskomen met de mededeling dat ze later een beroep willen doen op de auditorenregeling, bijvoorbeeld op grond van stress of ziekte. Van Bommel verwacht dat het aantal aanvragen in de nabije toekomst zal toenemen, wanneer studenten met slechts vijf jaar studiefinanciering tot de clientele gaan behoren.

Terug naar de student. Matthijs is eerstejaars Diedenoort. Hij kent wel mensen die erg goedkoop eten en sparen voor een keertje stappen, maar zelf kent hij met een kleine duizend gulden per maand geen problemen. Ook al betaalt hij daarvan zelf zijn collegegeld, boeken en syllabi. Basisbeurs, ouderlijke bijdrage en tien uur per week vakkenvullen bij de Edah zijn de drie bronnen. Gelukkig kwam begin dit jaar moeder zelf met het initiatief de ouderlijke bijdrage wat te verhogen, toen ze hoorde dat de basisbeurs minder werd.

Stappen doet Matthijs onder aan de flat en op Unitas. Kleren koopt hij weinig, maar als het zover is dan wel kwaliteit. Bovendien komt ma nog wel 'ns met een ideetje. Toegegeven, 't is redelijk krap - cd's leent hij van afdelingsgenoten - maar de vakantie schiet er niet bij in.

Jeroen en Matthijs zijn hopelijk geen gunstige uitzonderingen. Vooralsnog biedt de Hoogstraat gelukkig niet het beeld van broodmagere, om collegegeld bedelende studenten. Wellicht koestert de enkele student met schulden deze in stilte of verdient hij, op al dan niet onoorbare wijze, voldoende bij. Misschien weet straks de vakgroep Huishoudstudies op deze vragen een antwoord. Bij deze vakgroep is onlangs een onderzoekspracticum begonnen dat de leefsituatie van de Wageningse student tot onderwerp heeft. Onderdeel hiervan is het hoofdstuk Budget.

Re:ageer