Wetenschap - 21 september 1995

Centrale wetgeving in Peru verdringt traditionele regels

Centrale wetgeving in Peru verdringt traditionele regels

Binnen Peruaanse plattelandsgemeenschappen vindt een ingewikkeld samenspel plaats tussen formele nationale wetgeving en traditionele Andean law. Ervaringen rond de formele erkenning van gemeenschappen en de registratie van landbezit leren dat beide systemen elkaar deels aanvullen, maar ook onderling strijdig zijn en het eindresultaat verschilt per gemeenschap. Dit concludeert Pedro German Nu373ez Palomino in zijn proefschrift Law and peasant communities in Peru (1969-1988) waarop hij op 20 september promoveerde bij de vakgroep Agrarisch recht.

De promovendus bemerkte dat inheemse wetten weliswaar hierarische verhoudingen binnen dorpen effectueren, maar er tevens op gericht zijn de gemeenschap bijeen te houden. Naarmate de binding sterker is, kunnen dorpen zich beter weren tegen pogingen van de staat om zijn invloed te doen gelden. Noodzakelijk, want van Lima valt niet veel goeds te verwachten, vinden de boeren. Daarentegen dwingt het gebrek aan grond tot medewerking aan de centralistische wetgeving. De nationale landhervormingswet voorziet in uitgave van gronden van voormalig grootgrondbezitters, maar daarvoor is een officiele erkenning als dorpsgemeenschap noodzakelijk. Bijkomend voordeel is dat deze legalisering de laatste jaren handig was bij het verkrijgen van aanvullende diensten als kredieten en technische assistentie.

Bij interne spanningen in dorpen grijpen de inwoners steeds meer terug op nationale strafwetgeving om hun gelijk te halen. Ze zien zich dan niet langer gehouden aan de meer op het dorpsleven gerichte Andean law. De wijze waarop beide rechtssystemen op elkaar ingrijpen hangt tenslotte af van de bureaucraten ter plekke. Palomino bemerkte dat zij mede bepalen of de sterke centralistische wetgeving koste wat kost wordt doorgedrukt, of een rol krijgt naast traditionele regels.

Re:ageer