Wetenschap - 9 november 1995

Blokkenonderwijs verbetert studierendement nog niet

Blokkenonderwijs verbetert studierendement nog niet

Studenten zijn tevreden over vernieuwde biologie-propaedeuse

Tot spectaculaire verbeteringen in het studierendement heeft de nieuwe aanpak van de biologiepropaedeuse nog niet geleid. Studenten zijn tevreden over de invoering van onderwijsblokken. Ze gaan eerder aan het werk en zijn meer met de stof bezig. Maar de studiedruk in de examenperiodes blijft hoog, door het grote aantal colleges en practica.


Practica zijn voor biologiestudenten onmisbaar, een big snijd je nu eenmaal niet thuis open

Het was een foutje in de administratie, maar het plaatste de studiecoordinator van de biologen, dr ir C.J. Bos, wel voor een netelig probleem. De nietsvermoedende Bos zou op een thema-avond over studeerbaarheid iets vertellen over de proef met onderwijsblokken in de biologiepropaedeuse. Tevoren vroeg hij nog even de meest recente slagingspercentages op. Daar kreeg hij snel spijt van. Volgens de cijfers had nog geen derde van de studenten de propaedeuse in een jaar gehaald. Daarmee zouden de slagingspercentages weer net zo laag zijn als begin jaren negentig, ondanks de invoering van het blokkenonderwijs in september vorig jaar.

De tijd om alles nog eens na te rekenen ontbrak. Verzwijgen wilde Bos de cijfers niet. Maar hoe kon hij dit resultaat uitleggen aan de aanwezige LUW-docenten? De herprogrammering van de biologiepropaedeuse was immers mede bedoeld om het studierendement te verbeteren. Studenten zouden eerder aan het studeren gaan als vakken werden gegeven in korte blokken met een afsluitend examen, in plaats van uitgesmeerd over een heel trimester. En nu kwam uit de cijfers naar voren dat het effect ronduit teleurstellend was. Na twee redelijk goede jaren met slagingspercentages van respectievelijk 60 en 47 procent in de zomer van 1993 en 1994 leken de biologen op de verkeerde weg. Met enige gene moest Bos op de thema-avond een slagingspercentage van 31 opdissen.

Inmiddels kan Bos opgelucht ademhalen. Het opgevraagde percentage klopte niet. In werkelijkheid haalde niet 31 maar 45 procent van de eerstejaars biologen in augustus de propaedeuse. Een deel van de cijfers van de Floracursus in het derde trimester was aanvankelijk niet doorgegeven aan de pedel.

Het slagingspercentage zegt niet alles over de mate waarin het studierendement al dan niet is verbeterd. Van belang is ook hoe groot de achterstand is die nog niet geslaagde studenten hebben opgelopen. Wanneer studenten een enkel vakje niet hebben gehaald, lig ik daar niet wakker van. Dat halen ze wel weer in", verduidelijkt Bos. De studiecoordinator heeft de indruk dat er nauwelijks studenten zijn met een echt grote achterstand. Hij verwacht dan ook dat in december zo'n zeventig procent van de inmiddels tweedejaars biologen de proppen binnen heeft.

Celniveau

De biologiepropaedeuse is sinds vorig jaar een proeftuin voor het LUW-onderwijs. Mede op basis van de ervaringen van biologen besluiten het college en de universiteitsraad in januari of het wenselijk is af te stappen van het trimestersysteem en het onderwijs voortaan in blokken van ongeveer zes weken aan te bieden, zoals voorgesteld in de nota Onderwijs 2000.

De biologen voerden vorig jaar niet alleen roostertechnische veranderingen door. Ook de inhoud van de propaedeuse is veranderd. De biologen kozen voor een thematische opbouw van het onderwijs. De behandelde onderwerpen gaan van celniveau in het eerste trimester, via planten en dieren in het tweede trimester, naar ecosystemen in het derde trimester. Hiermee komen de biologen tegemoet aan de kritiek van de landelijke visitatiecommissie, die vier jaar geleden oordeelde dat het Wageningse biologieonderwijs weinig samenhangend was. Wel aardig. Maar teveel losse vakjes. De rode draad ontbrak een beetje", vat Bos het oordeel van de visitatiecommissie nog eens samen.

Uit een evaluatie blijkt dat studenten overwegend positief zijn over de nieuwe aanpak in de propaedeuse. C. Elemans, betrokken bij de evaluatie: Je zit dieper in de stof, dat is een voordeel. Vooral in het derde trimester ben je volle dagen met een vak bezig. Daar leer je echt veel van." Maar Elemans ziet ook nadelen. Een weekje ziek en je loopt meteen ontzettend achter. Verder is er weinig tijd om na te denken over de stof." R. Schilder, A. Brack, B. Pannebakker en F. Rienks, die eveneens meeschreven aan het evaluatierapport, zijn het met Elemans eens. Voor sommige vakken is meer bezinkingstijd nodig. De vijf studenten zijn dan ook blij dat vakken als wiskunde en statistiek nog steeds als een lint door het trimester lopen.

Overigens zijn de studenten ook over de inhoudelijke aanpak tevreden. In het begin stonden ze niet zo stil bij het idee achter de opbouw van het studieprogramma. Maar achteraf vinden ze de opbouw van celniveau naar ecosysteem logisch gekozen.

Klachten

Het idee achter onderwijsblokken is dat studenten eerder aan het werk worden gezet, zodat de studiedruk beter is verspreid over het trimester. Die opzet is bij biologie maar gedeeltelijk geslaagd. De studenten erkennen dat ze bij een blokkensysteem gedwongen worden eerder te beginnen. Brack: Je bent in ieder geval iedere dag met een vak bezig. En aan het einde heb je niet zo veel examens."

Maar klachten over de soms grote studiedruk blijven. De vakken die wel door het hele trimester lopen, worden tijdens de tussentijdse examens verwaarloosd. Bovendien zouden de studenten aan het einde van een blok wat meer tijd willen om het examen voor te bereiden. Die tijd is erg kort, vooral in het derde trimester, als studenten bij de flora en faunacursussen Latijnse namen moeten onthouden.

In een ideale situatie is die voorbereidingstijd niet nodig, vindt studiecoordinator Bos. Als de student de stof bijhoudt, kan na afloop van het onderwijs direct het examen plaatsvinden." Die stelling vinden de studenten niet reeel. Het probleem is het grote aantal colleges en practica: bijna dertig uur per week. Brack: Je hebt iedere middag practicum. Dat bereid je voor, want dat is urgenter het bijhouden van collegestof. De colleges volg je, meer niet. Ik heb haast nog geen boek open gehad."

Piepen

Bos ziet het grote aantal contacturen als een ernstig probleem. Nu blijkt dat studenten echt 42 uur per week geconcentreerd dienen te studeren. Zo veel uur werkt niemand. Als studenten vroeger in november begonnen te piepen, werden klachten veelal afgedaan met het argument dat ze eerder moesten beginnen. Dat gaat nu niet meer op."

Bij het vervaardigen van het rooster probeert Bos al zoveel mogelijk rekening te houden met de noodzaak van zelfstudie. Ik begin met het roosteren van twee vrije middagen. Want kleinere eenheden schiet niet op. Dat is verloren snippertijd." Daarnaast vergelijkt Bos momenteel het aantal geroosterde uren van de Wageningse opleiding met het aantal contacturen van andere biologiestudies. De studiecoordinator meent dat het aantal verplichte uren uiteindelijk omlaag moet.

De studenten hebben twijfels bij het verminderen van het aantal contacturen. Practica zijn voor biologiestudenten onmisbaar, argumenteren ze: Een big snijd je nu eenmaal niet thuis open." Ze hebben een eenvoudiger oplossing om de slagingspercentages te verbeteren. Als er een opleiding is die het verdient om vijf jaar te worden, is biologie het wel", merkt een van hen op.

Re:ageer