Wetenschap - 19 juni 1997

Bijtend zuur, bloedheet lab, losliggende snoeren

Bijtend zuur, bloedheet lab, losliggende snoeren

Bijtend zuur, bloedheet lab, losliggende snoeren
BVM start risico-inventarisatie op vakgroepen
De verbetering van arbeidsomstandigheden aan de LUW komt langzamerhand op gang. Wetgeving maakte een systematische aanpak al sinds begin 1994 nodig, maar het bleef bij enkele incidentele acties, zoals onderhoud van slecht functionerende zuurkasten. Nu het Bureau veiligheid en milieuhygiene niet meer met onderbezetting kampt, is de eerste risico-inventarisatie verricht. De vakgroep Bodemkunde en plantenvoeding fungeerde als proefkonijn
Laatst gebeurde een ongeval bij de regeneratie van demiwaterfilters op de vakgroep Bodemkunde en plantenvoeding. Er kwam wat corrosieve vloeistof op de arm van een medewerker. Toen wreekte zich dat daar geen nooddouche is. Frappant is dat zo'n voorval meteen de motivatie positief beinvloedt, aldus Monika van der Veen, specialist arbeidsomstandigheden van het Bureau veiligheid en milieuhygiene (BVM). Uit de risico-inventarisatie en evaluatie die zij op de vakgroep uitvoerde, bleek dat personeelsleden in hun eentje werken bij de regeneratie. Dat moet zoveel mogelijk vermeden worden en daarom adviseerde BVM de vakgroep de werkzaamheden uit te besteden. Door de hoge kosten is dat nog niet gebeurd
De inventarisatie bij Bodemkunde, de eerste op de LUW, resulteerde in een bescheiden rapport van vijftien pagina's. We kunnen hele dikke plannen maken, maar die worden niet gelezen. Een pilotproject moet uitwijzen hoe we het beste de risico-inventarisatie kunnen aanpakken. Daarom hebben we veel tijd gestopt in gesprekken met vertegenwoordigers van de vakgroep. Op basis van die ervaringen krijgen we handigheid in onze aanpak. We verwachten dat we alle vakgroepen eind volgend jaar geinventariseerd hebben, zegt Van der Veen
Het grote aantal knelpunten in de studie van BVM heeft Kees Koenders, beheerder van de vakgroep, verbaasd. Het is echt een hele waslijst. Koenders meent dat zijn vakgroep, gehuisvest in het uit de jaren vijftig stammende Scheikundegebouw, nog een bevoorrechte positie heeft. Ruim twee jaar geleden is hier alles gerenoveerd. Dat betekent dat veel zaken optimaal zijn. Kun je nagaan hoe dat elders is bij vakgroepen die nog in hun versleten huisvesting zitten. Er komt echt een heleboel af op de LUW.
De risico-inventarisatie (RIE) heeft geleid tot een twee A4'tjes tellend overzicht met actiepunten, verdeeld in drie categorieen. Een zo'n actiepunt is de afzuiging in het Ei, het gele ovaalvormige gebouwtje achter de vakgroep. Daar wordt grond gezeefd en gemalen voordat die naar laboratoria gaat. De installatie is niet gebruiksvriendelijk, de capaciteit is onvoldoende en er is achterstallig onderhoud. Voor ons is dat een belangrijk punt. Verbetering kost enkele tienduizenden guldens. In de RIE heeft dat de hoogste prioriteit gekregen, weet Koenders
Haast
Ook de hoge werkdruk op de vakgroep heeft in de RIE de hoogste prioriteit gekregen. Het aantal medewerkers is in korte tijd met dertig procent gereduceerd, waardoor de blijvers structureel overwerken en nauwelijks verlofdagen opnemen. Haast is een belangrijke oorzaak van ongelukken. Verder beveelt BVM aan dat de labjassen niet meer thuis worden gewassen, zodat de medewerkers geen gevaarlijke stoffen mee naar huis nemen. De arbo-medewerker van de vakgroep, Rein van Eck, moet voorlichting gaan geven over het werken met kankerverwekkende stoffen
Er zijn ook arbeidsomstandigheden die van BVM een lagere prioriteit hebben gekregen, omdat het risico klein is of niet op korte termijn kan worden opgelost. Een voorbeeld is de ventilatie van laboratoria. Die is voorafgaand aan de renovatie niet goed ingeschat door ons en de afdeling Gebouwen en terreinen, stelt Koenders. Hij doelt op het definitief afsluiten van ramen om de mechanische ventilatie en de werking van zuurkasten op een adequaat niveau te brengen. Als gevolg worden de labs in de zomer van verse maar hete lucht voorzien. In recordtijd bereikt de binnentemperatuur dan het niveau van de luchttemperatuur in de volle zon. Volgens Koenders kost een installatie om de aangezogen buitenlucht te koelen dik een ton. Onder druk van de vakgroep is de koeling van ventilatielucht gepromoveerd naar de hoogste categorie
Veiligheidsbrillen
De truc is dat alle betrokkenen de aanbevelingen moeten dragen, aldus dr Wim van Alphen, het interimhoofd BVM. Tot die betrokkenen behoort ook de afdeling Gebouwen en terreinen, die veel voorzieningen moet financieren
Niet betrokken bij de risico-inventarisatie zijn de studenten. Zij lopen risico's bij het niet dragen van persoonlijke beschermingsmiddelen, zoals veiligheidsbrillen. De labhoofden en practicumbegeleiders moeten daar toezicht op houden, maar omdat er geen reglement bestaat voor practicumstudenten, zijn er geen sancties mogelijk als een student weigert beschermende kleding te dragen. Bij Bodemkunde en plantenvoeding geldt dit bijvoorbeeld voor proeven met grond met onbekende verontreinigingen
In dit laatste geval is BVM aanspreekpunt om de arbeidsomstandigheden te verbeteren. Ook bij de andere 49 aandachtspunten uit de inventarisatie staat een verantwoordelijke vermeld; 27 keer is dat de vakgroep. Volgens Koenders betekent dit veelal dat de vakgroep de zaak moet aanzwengelen in het bestuursgebouw. Als dat het geval is, heb ik er geen moeite mee. Hij vindt de actiepunten allemaal leuk en aardig, maar de vraag is wie dit gaat betalen. Zo moeten wij zorgen voor een geactualiseerde groene kaart. Die is nodig bij ontruimingen als er bijvoorbeeld brand is. Maar die kaart hoort bij het gebouw, net als noodverlichting, zo speelt Koenders de bal door naar BVM
Arbeidsinspectie
BVM-hoofd Van Alphen meent dat geen enkel bedrijf van de overheid extra geld heeft gekregen bij de invoering van de wet arbeidsomstandigheden in 1994. Maar verbetering van arbeidsomstandigheden bespaart bijvoorbeeld kosten die gemaakt worden bij ziekte of ongevallen. Medewerkers kunnen na verbeteringen prettiger en beter werken. Bovendien heeft de afdeling Gebouwen en terreinen wel degelijk potten geld vrijgemaakt voor verbetering van arbeidsomstandigheden.
Daarnaast wijst Van Alphen, ook parttime werkzaam bij de Vrije Universiteit in Amsterdam, op het feit dat de Arbeidsinspectie actiever wordt. Die heeft eerst risicovolle sectoren als de bouw aangepakt. Nu is het onderwijs aan de beurt. Binnen de LUW zijn de vakgroepen in het Biotechnion volgens hem aan de beurt voor een volgende inventarisatie. Daar gaat veel verbouwd worden en BVM wil tijdig met suggesties komen
Zo wil Van Alphen dat de elektriciteit in het vervolg uit het plafond komt. Dat maakt het voor medewerkers mogelijk naar hartelust te schuiven met bureaus en werkplekken. Bij Bodemkunde en plantenvoeding is door Gebouwen en terreinen gekozen voor leidingen in de vloer. Dat heeft geleid tot losliggende snoeren waarover gestruikeld kan worden. En dat is slecht voor de arbeidsomstandigheden

Re:ageer