Wetenschap - 11 mei 1995

Aziatische boeren worstelen met de wereldmarkt

Aziatische boeren worstelen met de wereldmarkt

In de snel groeiende Aziatische economieen staat de bescherming van de landbouw onder druk. Boeren moeten zich meer richten op de wereldmarkt. In het anti-communistische Taiwan duiken landbouwcooperaties op als middel om de markt te bereiken, terwijl de cooperaties in Vietnam juist in korte tijd worden ontmanteld. Het congres zoekt naar wegen voor Aziatische boeren om zich staande te houden op de vrije markt en zelf de voedseldistributie te organiseren.


In vroeger tijden moet het Chinese platteland zijn bevolkt door miljoenen keuterboertjes, die in familieverband hun hectare grond bewerkten. Na de overwinning van de communisten op de Kwomintang in 1949 werd de landbouw gerationaliseerd: er kwamen cooperaties en de boeren werden gedegradeerd tot landarbeiders. Op Taiwan, wijkplaats van de overwonnen Kwomintang, bleven de kleine boerenbedrijfjes bestaan. Het dichtbevolkte eiland maakte een sterke industriele ontwikkeling door, maar de gemiddelde boer beschikt nog steeds over slechts een hectare grond.

De kleinschalige landbouw op Taiwan genoot tot dusverre bescherming. Met het oog op de GATT-afspraken over vrije handel wil de regering die steun verminderen. Dat schept problemen voor de kleine boeren. Ze kunnen niet concurreren op de wereldmarkt, omdat hun produktiekosten te hoog zijn en ze hun produkten niet goed op de markt brengen. De boeren hebben bijvoorbeeld te kampen met grote prijsschommelingen, omdat ze in de winter overschotten produceren en in de zomer tekorten.

Investeringen in technologie voor een geregelde aanvoer en opslag zijn voor de kleine boeren afzonderlijk niet rendabel. Vandaar dat onderzoeker Li-Fen Lei, agrarisch econoom op de nationale universiteit in Taipeh, de mogelijkheden van cooperaties onderzoekt. Dat lijkt vloeken in de kerk, want cooperaties hebben nu eenmaal een communistische bijsmaak. De meeste Taiwanese boeren lopen er vooralsnog niet warm voor, maar Li-Fen Lei denkt dat ze wel zullen moeten, willen ze overleven. Hij pleit vooral voor een brede samenwerking, waarin de boeren als zelfstandige ondernemers produceren, maar de verwerking en afzet van hun produkten bij supermarkten coordineren. Uit het voorbeeld van de autonome organisatie Shin-Kung, een samenwerking van 112 tuinders, blijkt dat de boeren door gezamenlijke opslag van groenten de supermarkten een continu aanbod kunnen garanderen.

Pachtcontracten

Ook in Vietnam is grote behoefte aan dergelijke handelscooperaties. Het laatste decennium is het communistische regime zijn greep op industrie, handel en landbouw kwijtgeraakt. De staatsgeleide landbouwcooperaties in Vietnam zijn de afgelopen twaalf jaar uitgekleed, stelt onderzoeker Dao The Tuan van de landbouwfaculteit in Hanoi. Het prive-initiatief en gezinsbedrijven kregen meer ruimte. In 1981 legaliseerde de regering een illegale praktijk van pachtcontracten tussen cooperaties en individuele boeren. Sinds 1988 mogen de gezinsbedrijven zelf beslissen welke zaaizaden, kunstmest en financiering ze gebruiken. In 1993 mochten bedrijven pachtcontracten met cooperaties van twintig jaar afsluiten en zelfs grond kopen. Zo probeerde de regering de zwarte markt in landbouwgrond onder controle te krijgen.

Ontbossing

In 1992 werd maar liefst zes miljoen van de zeven miljoen hectare landbouwgrond in Vietnam bewerkt door gezinsbedrijven. Alleen in de vruchtbare Mekong-delta is de transformatie naar een marktgerichte landbouw tamelijk succesvol: de produktie neemt flink toe en de boeren verdienen goed. Maar het merendeel van de boeren in de rest van het land is arm, stelt Tuan. Verschillende regio's kampen met voedselschaarste. De oude cooperaties zijn star; ze verpachten voornamelijk grond en zijn nagenoeg bankroet. Er zijn echter geen nieuwe instellingen op het platteland ontstaan om de voedselproduktie te financieren en af te zetten op de markt. Volgens de onderzoeker moet de overheid een nieuwe infrastructuur op het platteland financieren: ze moet met wetgeving en kredieten de juiste randvoorwaarden creeren voor boeren-handelscooperaties.

Deze ondersteuning is ook nodig uit milieu-oogpunt, stelt Tuan. In de bergachtige delen van Vietnam proberen de arme boeren hun inkomen namelijk te verbeteren met shifting cultivation en het kappen van hout. Dat heeft geleid tot ontbossing op grote schaal. De druk op land is de laatste jaren toegenomen door bevolkingsgroei en onttrekking van landbouwgrond voor huizenbouw en industriele activiteiten.

De huidige marktwerking zou kunnen leiden tot faillissementen en schaalvergroting in de Vietnamese landbouw. Maar daarvan is nog niets gebleken, stelt Tuan. Boeren houden juist hun stukje land vast, bij gebrek aan alternatieve inkomstenbronnen. De Vietnamese steden worden daarom tot op heden niet overspoeld door boerenarbeiders.

China

In China zoeken juist wel elk jaar enkele miljoenen boeren en landarbeiders hun geluk in de stad, aldus onderzoeker Xu Xiang, agrarisch econoom aan de landbouwuniversiteit van Nanjing. Hij heeft uitgerekend dat momenteel zo'n 330 miljoen van de 1,1 miljard Chinezen in de landbouw werken, maar dat er eigenlijk maar 165 miljoen boeren nodig zijn. Op dit moment hangen al zo'n dertig a veertig miljoen werkloze boeren rond in treinstations en havens aan de kust, in de hoop een graantje mee te pikken van de industriele revolutie. De komende jaren zal die labour tide met nog eens vijftig miljoen mensen toenemen, verwacht de onderzoeker. Slechts een deel van de ex-boeren, zo'n miljoen per jaar, zal inderdaad een baan vinden in de booming business.

Deze enorme binnenlandse migratie verloopt niet georganiseerd, aangezien de Chinese autoriteiten migranten niet erkennen als burgers met rechten. Tot 1978 was migratie eigenlijk niet mogelijk, omdat plattelandsbewoners alleen voedsel konden krijgen via hun commune of de dorpsautoriteiten. Sinds er vrije markten zijn toegestaan en de produktie door liberalisatie sterk is gestegen, is er gemakkelijker aan voedsel te komen. Toch mogen bedrijven officieel nog steeds niet zelfstandig personeel aanstellen en komen alleen geregistreerde stadsbewoners in aanmerking voor huisvesting, onderwijs, gezondheidszorg en arbeidsvoorziening. Ziedaar de perfecte ingredienten voor corruptie, illegale arbeidscontracten en onverzekerde werknemers.

Doorleren

Xu Xiang meent dat de Chinese overheid haar regelingen moet verruimen om de migranten op te vangen, en haar informatie over werkgelegenheid moet uitbreiden naar het platteland. Dan zijn nieuwkomers beter voorbereid op de mogelijkheden in de stad. Zo moet bijvoorbeeld duidelijk worden dat de door multinationals gefinancierde bedrijven aan de kust vooral behoefte hebben aan hoogwaardige arbeid en technologie. Boerenzonen moeten weten dat ze beter kunnen doorleren, in plaats van de school te ontvluchten, aldus Xiang.

De Chinese econoom praat vooral over de gevolgen van de plotselinge arbeidsuitstoot in de landbouw, minder over de oorzaken. Die komen in China overeen met landen als Vietnam of Rusland, waar de staatsregulering van de voedselproduktie een gestage produktiviteitsverbetering, arbeidsuitstoot naar de stad en de ontwikkeling van particuliere handelskanalen in de weg stond. Nu moeten handelscooperaties de kloof overbruggen tussen platteland en wereldmarkt.

Re:ageer