Wetenschap - 6 april 1995

Afscheid van een medewerker

Afscheid van een medewerker

Na 29 jaar in dienst geweest te zijn bij vakgroep X pakt medewerker IJ op vrijdagmiddag 31 maart zijn laatste spullen in een doos. In het kader van de afslanking van de vakgroep is zijn taak vervallen. Op 1 april dient volgens mededeling zijn kamer te zijn ontruimd. Gezien de situatie is er 's ochtends bij de koffie geen officieel afscheid van hem, zoals gebruikelijk. Een E-mail van twee dagen eerder geeft aan, dat er in november, 7 maanden na dato, nog een officieel afscheid zal zijn, wanneer de ontslagprocedure volledig zal zijn doorlopen. Nu weet kennelijk niemand raad met de situatie. Enkele collega's komen nog langs om een handje te drukken en de ex-collega verder sterkte te wensen.

Aan het eind van de middag sluipt de medewerker als een dief in de nacht het gebouw uit. Van de leiding van de vakgroep ontbreekt ieder spoor. Geen toespraak, geen bloemen, geen bedankje, geen handje. Niets! Ik neem aan, dat de beheerder inmiddels in stilte heeft gecontroleerd of de kamer inderdaad leeg is. Hij heeft daarbij alleen spullen aangetroffen, die niet van medewerker IJ zijn maar die hij ook niet wilde meenemen. Wellicht zijn die inmiddels ook bij het oud vuil gezet.

Dit voorval is geen verzinsel, maar de werkelijkheid bij vakgroep X. Vakgroep X, die als proefkonijn wordt gezien bij de afslanking van de LUW. Het betreft bovendien niet een, maar vier medewerkers, die op 1 april geacht werden het pand te hebben verlaten.

Ik vind de hele gang van zaken niet alleen pijnlijk, maar ook beschamend. Beschamend voor de leiding van de vakgroep, die kennelijk niet in staat is om normale, intermenselijke verhoudingen gestalte te geven. Het minimum aan personeelsbeleid ontbreekt. Ik hoop, dat dit soort onvermogen andere vakgroepen en medewerkers, die bij het proces van de afslanking zijn betrokken, zal worden bespaard!

Re:ageer