Wetenschap - 2 maart 1995

Afrikaanse maggi-boom veroudert

Afrikaanse maggi-boom veroudert

Bij de instandhouding van de leguminoos Parkia biglobosa in West- en Centraal-Afrika is voor plattelandsbewoners een grote rol weggelegd, omdat de Nere een belangrijke plaats inneemt in de folklore van dorpsgemeenschappen. Ook worden alle delen van de boom gebruikt in de voeding (bijvoorbeeld voor bouillon) of als medicijn. Vrouwen hebben vooral kennis van de vruchten en zaden. Mannen richten zich meer op de produktie. Door intensief grondgebruik in gebieden met een hoge bevolkingsdruk stagneert echter de verjonging van de Nere-populaties. Dit stelt A.S. Ouedrago in zijn proefschrift Parkia biglobosa (Leguminosae) en Afrique de l'Ouest: Biosystematique et Amelioration, waarop hij op 24 februari promoveerde bij de vakgroep Plantentaxonomie van de LUW en bij Biologie en plantenecologie van de universiteit van Ouagadougou in Burkina Faso.

Ouedrago bemonsterde meer dan 1600 bomen uit 5 landen en onderzocht de variatie in bouw en verschijningsvorm. De genetische variatie tussen landen en populaties was relatief gering. Uiterlijk waren er echter grote verschillen die onder andere werden veroorzaakt door variaties in bodems. Tenslotte leerden aanvullende etnografische studies dat met name in savannegebieden de mens een grote rol speelt bij het instandhouden van de leguminoos, doordat bewoners de boom op allerlei manieren gebruiken. Juist hierom, meent Ouedrago, moet worden geijverd voor behoud en de veredeling van de Parkia. En bij een optimale keuze is de lokale kennis van vrouwen onmisbaar. In bosgebieden wordt de boom veel minder gewaardeerd.

Re:ageer