Wetenschap - 7 november 1996

Aantal nieuwe landbouwingenieurs daalt sterk

Aantal nieuwe landbouwingenieurs daalt sterk

In 1998 zal de Landbouwuniversiteit nog maar acht landbouwplantentelers afleveren en nog maar tien tuinbouwers. Een dramatische daling ten opzichte van 1994. Ook het aantal afgestudeerde zootechnici zal in 1998 gehalveerd zijn tot vijftig, in vergelijking met 1994.

Dit blijkt uit een onderzoek dat ir G. Muggen van de afdeling Onderzoek en onderwijs uitvoerde. Bij de prognose moet de kanttekening worden gemaakt dat nog niet geheel duidelijk is wat de effecten zijn van de studieversnellende maatregelen die minister Ritzen de afgelopen jaren heeft gedecreteerd. Uiteraard daalt het aantal afgestudeerden van de Landbouwuniversiteit over de gehele linie, omdat het aantal ingeschreven studenten de afgelopen jaren fors is gedaald. De stabilisatie en lichte groei van de afgelopen twee jaar komt pas over een jaar of vijf terug in de cijfers.

Bij de Koninklijke Landbouwkundige Vereniging (KLV), die de arbeidsmarkt voor ingenieurs in haar Loopbaancentrum nauwlettend in het oog houdt, bestaat de verwachting dat de vraag naar echte landbouwkundigen de komende jaren het aanbod ruim zal overstijgen. Met werkloosheid zullen de agronomen, tuinbouwers en veredelaars dus waarschijnlijk niet te maken krijgen.

Overigens is ook de daling van het aantal afgestudeerden in de richting Moleculaire wetenschappen, van 53 naar 16, opmerkelijk. Dit wordt enigszins gecompenseerd door de uitstroom uit de betrekkelijk nieuwe studierichting Bioprocestechnologie, die toeneemt met 18 afgestudeerden tot 34 in 1998.

Prognose afgestudeerden Landbouwuniversiteit per studierichting

  • KOP = 1994 1996 1998

  • = Biologie 64 53 52
  • = Landbouwplantenteelt 17 8 8
  • = Tuinbouw 30 19 10
  • = Plantenveredeling 30 23 15
  • = Plantenziektenkunde 23 12 14
  • = Zootechniek 102 62 50
  • = Levensmiddelentechn. 95 97 41
  • = Voeding van de mens 47 40 29
  • = Milieuhygiene 122 113 54
  • = Moleculaire wetensch. 53 34 16
  • = Bioprocestechnologie 16 53 34
  • = Bosbouw 29 34 30
  • = Agrosysteemkunde 8 13 7
  • = Landinrichtingswetensch. 60 60 43
  • = Bodem, water, atmosfeer 33 40 31
  • = Landbouwtechniek 27 31 18
  • = Economie 99 85 42
  • = Huishoud- en cons. wet. 53 44 24
  • = Tropisch landgebruik 49 30 26
  • = Rurale ontwikkelingsst. 16 37 24

  • = Totaal LUW 981 889 573

    Bron: Landbouwuniversiteit / Geert Muggen

  • Re:ageer