Organisatie - 7 maart 2019

Minder vliegen - Makkelijker gezegd dan gedaan

tekst:
Tessa Louwerens

WUR-medewerkers vliegen heel wat af en dragen zo flink bij aan de uitstoot van broeikasgassen. Dat moet anders, aldus de raad van bestuur in de nieuwe Mobiliteitsvisie 2030 (zie p.4). Personeel moet vaker de trein pakken of televergaderen. Helemaal mee eens, reageren de onderzoekers die Resource polste. Maar eenvoudig is anders.

rik leemans.JPG

Tekst Tessa Louwrens Illustratie Henk Ruitenbeek

Rik Leemans

Hoogleraar Milieusysteemanalyse, een van onderzoekers die het bestuur onlangs in een ‘klimaatbrief’ vroegen om iets aan het vele vliegen te doen

‘Een kwart van de carbon footprint van WUR wordt veroorzaakt door vliegen. Dat kan echt minder. Als je bijvoorbeeld naar Londen moet, ben je deur tot deur net zo snel met de trein. Bovendien heb je snel contact met mensen in de trein en je hebt meer ruimte om te werken. Maar het is wel duurder en omdat het van het projectbudget afgaat, zal een projectleider toch snel zeggen: pak maar het vliegtuig. In de eerste jaren dat ik in Wageningen werkte, had ik een platina status bij de KLM, nu gelukkig nog maar zilver. Ik ben veel selectiever geworden en ga minder vaak naar internationale conferenties. Voor jonge wetenschappers ligt dat anders, die moeten nog een netwerk opbouwen en daarvoor zijn directe sociale contacten tijdens zo’n conferentie belangrijk. Maar voor de oudere garde, die elkaar allemaal wel kennen, kan dat wellicht ook anders, bijvoorbeeld via videoconferencing. Ik denk dat WUR hier het voortouw in moet nemen en duidelijke regels moet maken, bijvoorbeeld over de trein pakken naar steden binnen Europa. In de richtlijnen staat al dat deze reizen zo veel mogelijk met de trein moeten worden gemaakt, maar dit wordt nu vaak niet nageleefd.’

ArjenWals.jpg

Arjen Wals

Hoogleraar Transformatief Leren voor Sociaal-ecologische Duurzaamheid

‘Ik vlieg te veel en heb ook last van vliegschaamte. Mijn verhaal wordt er niet geloofwaardiger van, integendeel. Wanneer ik gevraagd word voor iets op vliegafstand, stel ik mijzelf steeds de vraag: is de ecologische handafdruk van wat ik doe of teweegbreng, groter dan de ecologische voetafdruk die ik achterlaat om er te komen? Dat is niet makkelijk. Wat is bijvoorbeeld de positieve impact van een keynote voor zeshonderd mensen in Taiwan over duurzaamheid in het onderwijs? Ik vind dat WUR sowieso altijd voor CO2-compensatie moet betalen. Dat geld zou je kunnen stoppen in een duurzaamheidsfonds voor het gebouw waar de betreffende vliegende medewerker zit. Studenten en medewerkers, inclusief schoonmakers, conciërges en ondersteunend personeel, kunnen dat fonds beheren. Dat kan dan bijvoorbeeld worden gebruikt om zonnepanelen op het dak te plaatsen of een carpoolapp te maken. Maak er een project van waar iedereen betrokken is.’

karin schroen.jpg

Karin Schroen

Persoonlijk hoogleraar Levensmiddelenproceskunde

‘Wij reizen als wetenschappers behoorlijk wat. Het wordt ook wel beetje van ons gevraagd, want WUR wil dat wij zichtbaar zijn en impact hebben. En daar ben ik het mee eens, maar ik maak mij daar wel zorgen over, want ik weet wat voor impact dit heeft op het klimaat. Bepaalde dingen kun je digitaal doen. Zo zie je bijvoorbeeld steeds vaker dat workshops via Skype worden gegeven. As je elkaar al eerder hebt ontmoet en vaker hebt samengewerkt, kan veel digitaal. Maar het is goed voor je netwerk om mensen in ieder geval een keer gezien te hebben. Binnen Europa probeer ik de trein te nemen. Zeker in zo’n hoge snelheidstrein, bijvoorbeeld naar Parijs, kan ik fijn werken. Maar er zijn ook locaties waar de trein veel tijd kost. Wellicht kan WUR treinreizen meer promoten. Er zijn bijvoorbeeld universiteiten waar ze een dienstreis alleen vergoeden als die met het openbaar vervoer is gemaakt.’

christine plaisier.jpg

Christine Plaisier

Onderzoeker Internationaal Beleid bij Wageningen Economic Research

‘Het werk van ons team, Impact Evaluations, speelt zich volledig af in het buitenland: Azië, Afrika, Latijns-Amerika. Ik kan mijn werk niet goed doen zonder te vliegen. Ik ben net een project aan het afronden waarin we lokaal onderzoek op afstand begeleiden. En een van onze belangrijkste procesconclusies is dat dit niet goed werkt. Middelen zoals Skype zijn zeker handig, maar het is belangrijk om eerst een relatie en wederzijds vertrouwen op te bouwen. Om enigszins begrip te krijgen voor de mensen met wie je samenwerkt en de dynamiek van waaruit zij werken, moet je echt aanwezig zijn, zeker als je te maken hebt met andere culturen. We vragen ons natuurlijk bij elke reis af: wat is het doel? En weegt dat op tegen de milieubelasting? Moeten we echt met zijn drieën daarheen of is één persoon genoeg? Daar voeren we zeker gesprekken over.’

Photo H.H.E. van Zanten.jpg

Hannah van Zanten

Onderzoeker bij de leerstoelgroep Dierlijke Productiesystemen

Ik zou iedere maand wel ergens naartoe kunnen reizen, maar ik probeer dat te minimaliseren. Niet alleen vanuit milieuoverwegingen, maar ook omdat ik een gezin heb. Als een congres bijvoorbeeld ieder jaar wordt gegeven, dan sla ik die in Thailand over en ga ik het jaar erop als het in Europa is. Voor grote discussies is het lastig, maar kleine bijeenkomsten doen we vaak via Skype en dan komen we één keer per jaar bij elkaar om bij te praten over dingen die lastiger zijn via Skype. Dat doen we niet alleen vanuit milieuoogpunt, het is ook efficiënter qua tijd. Ik heb zelf niet het idee dat WUR actief stuurt op minder vliegen, het komt meer vanuit de mensen zelf. Ik probeer zoveel mogelijk de trein te pakken, maar soms zijn de verbindingen ongunstig en moet ik bijvoorbeeld midden in de nacht overstappen. Dan pak ik toch het vliegtuig, al baal ik daarvan.’


Re:ageer