Organisatie - 17 september 2018

'Kringlooplandbouw heeft systeemdenkers nodig'

tekst:
Albert Sikkema
1

Wat betekent de nieuwe kringlooplandbouw voor boeren, burgers en WUR? Daarover discussieerden Martin Scholten, Anne van Doorn en Jan Broeze van WUR in een levendig debat in Impulse onder leiding van communicatieadviseur Marcel Schuttelaar.

© Luuk Zegers

De kringlooplandbouw staat centraal in de nieuwe landbouwvisie die minister Carola Schouten vorige week presenteerde, maar die visie is nog vaag. Daarom wilde Resource, die het debat organiseerde, van drie kenners weten wat zij onder kringlooplandbouw verstaan en welke implicaties circular food systems hebben in Nederland.

De kringlooplandbouw breekt met de oude landbouw, die gebaseerd is op zo hoog mogelijke voedselproductie tegen zo laag mogelijke kosten, stelde Martin Scholten, directeur van de Animal Sciences Group. De nieuwe landbouw moet meerdere belangen dienen – voedsel, natuur, klimaat en bodemkwaliteit – en uitgaan van de draagkracht van de aarde en een efficient gebruik van grondstoffen, vond Scholten. Anne van Doorn, onderzoeker bij de Environmental Sciences Group, was het daar grotendeels mee eens.

We moeten leren van de voorlopers in natuur-inclusieve landbouw
Anne van Doorn

Voorlopers
Beiden hadden ook vergelijkbare ideeën hoe Nederland het beste kringlooplandbouw kan introduceren. Volgens Van Doorn moeten we leren van de voorlopers in natuur-inclusieve landbouw. Ook Scholten meende dat de overheid vernieuwende landbouwbedrijven moet onderzoeken en ondersteunen die al vormen van kringlooplandbouw toepassen. Deze praktijk moet zicht geven op nieuwe vormen van samenwerking tussen boeren en stimulerende wetgeving.

© Luuk Zegers

De nieuwe aanpak suggereert dat veehouders veevoer en mest gaan verhandelen met akkerbouwers in de buurt en reststromen benutten uit de naburige voedingsindustrie. Maar Jan Broeze, die voedselketens onderzoekt bij Food & Biobased Research, denkt dat lokale productie niet altijd beter is voor het milieu. Soms kost het vermijden van afvalstromen meer energie dan hergebruik van afvalstromen, aldus Broeze, en soms is transport van grondstoffen en producten beter voor het milieu dan het creëren van een lokale kringloop. ‘Dat hangt van het voedselsysteem af.’

Minder dieren
Toch denkt Van Doorn dat Nederland de import van veevoer moet minimaliseren om een kringlooplandbouw te krijgen. Door zelf het veevoer te produceren en de mest in de omgeving af te zetten, ontstaat een kringlooplandbouw met minder dieren.

Scholten had een iets andere benadering. Nederlandse boeren mogen alleen nog veevoer importeren van andere voedselsystemen die milieu, natuur en klimaat ontzien, stelde hij. Ondertussen kunnen Nederlandse veehouders veel meer dan nu het blad van suikerbieten – nu afval – uit de Nederlandse akkerbouw gebruiken. Die optelsom van verantwoord veevoer limiteert de Nederlandse veevoersector. ‘En ik hoop dat we dan geen mestoverschot meer hebben in Nederland.’

In circulaire productie ga je van het ene systeem naar het andere. Dus moet je mensen uit verschillende disciplines laten werken aan een overkoepelende gemeenschappelijke vraag
Jan Broeze

Klimaatimpact
Broeze vond die aanname veel te optimistisch. ‘Zolang het economisch systeem niet verandert, blijft onze voedselproductie een race to the bottom met lage prijzen en voedselverspilling. De consumenten hebben nu te weinig kennis over de totstandkoming en kosten van ons voedsel. Misschien moet de regering de CO2-uitstoot van ons voedsel belasten, net zoals nu gebeurt in de auto-industrie. Laat de markt betalen voor de klimaatimpact van de landbouw.’

© Luuk Zegers

Ook WUR moet veranderen, maar hoe? De kringlooplandbouw vergt ingewikkeld interdisciplinair onderzoek, dus de dier-, plant- en milieu-onderzoekers van WUR moeten veel meer samenwerken, stelde Van Doorn. ‘Misschien moeten we de kenniseenheden reorganiseren.’ Broeze was het daar mee eens. ‘In circulaire productie ga je van het ene systeem naar het andere. Dus moet je mensen uit verschillende disciplines laten werken aan een overkoepelende gemeenschappelijke vraag. Let op: dat is wat anders dan multidisciplinair onderzoek waarin iedere groep weer zijn eigen ding doet.’ Scholten vestigde zijn hoop op studenten. 'We hebben systeemdenkers nodig, en gelukkig voor ons zijn de studenten precies dat.'

Richtlijnen
De ruim 150 toehoorders, hoofdzakelijk Wageningse studenten, konden ook suggesties doen hoe WUR kringloop-proof moet worden. Verbreed de discussie tot buiten de WUR, adviseerde een student, en betrek ook economen en vernieuwende boeren bij het debat. Het belangrijkste onderwijsadvies kwam ook van een student. ‘We praten over samenwerking, maar wij moeten onze masterthesis allemaal individueel doen. Verander de academische richtlijnen, zodat we samen aan een thesis kunnen werken, met meerdere begeleiders uit verschillende leerstoelgroepen.’

Lees meer:

Re:acties 1

  • Toon van Eijk

    Ja, kringlooplandbouw heeft inderdaad systeemdenkers nodig, en ja, interdisciplinair werken is wat anders dan multidisciplinair werken. Toen ik in 1978 afstudeerde ging de discussie ook al over de vraag hoe systeem-denken en systeem-handelen te introduceren aan de WUR. Wat hebben we sindsdien geleerd? Wellicht is het nuttig om de bestaande literatuur over Farming Systems Research in ontwikkelingslanden uit de 80-er en 90-er jaren te bestuderen. Daaruit kunnen studenten en WUR staf lessen leren over de problemen bij waarlijk interdisciplinair systeem-onderzoek en -onderwijs.
    Met vriendelijke groet,
    Toon van Eijk, gepensioneerd tropisch landbouwkundige.

    Reageer

Re:ageer