Organisatie - 18 april 2019

Hoe schadelijk is Zoe’s zooi?

tekst:
Roelof Kleis

Containerschip MSC Zoe verloor op 1 januari 342 containers in de Noordzee. Het incident gaat de zee-ecologen van WUR de komende tijd bezighouden. In opdracht van de overheid proberen zij de ecologische effecten van de verloren lading in kaart te brengen.

tekst Roelof Kleis  foto’s Kees van de Veen/Hollandse Hoogte

‘Gaaf!’, dacht onderzoeker Martin Baptist van Wageningen Marine Research in eerste instantie toen hij op 2 januari hoorde dat containerschip MSC Zoe een deel van zijn lading was verloren ten noorden van de Waddeneilanden. ‘Ik woon op Texel’, zegt hij verontschuldigend. ‘Dan begint toch het juttersbloed te stromen.’ Zijn tweede reactie was ‘de professionele grondhouding’ van een zee-ecoloog. Hij verdiepte zich in de feiten en constateerde al snel dat het ‘gelukkig nogal meeviel’.

‘De buitenwereld had het meteen over een containerramp. Maar een ecologische ramp was het niet. Dan moeten er op grote schaal ecologische effecten zijn op flora en fauna. Dat is ons bespaard gebleven.’ Althans, voor zover nu bekend. Nader onderzoek van onder meer Baptist en collega’s moet de komende maanden meer duidelijkheid brengen.

We zijn ons bewust geworden van de enorme zooi die we van hot naar her slepen

Bleekmiddel

De MSC Zoe verloor 342 containers, een klein deel van de naar schatting 8000 containers aan boord. Het schip kan er overigens liefst 19.000 vervoeren. Van de gezonken containers hadden er twee een giftige lading: eentje bevatte lithiumaccu’s en eentje zakken Perkadox, een poederachtig bleekmiddel op basis van dibenzoylperoxide.

Dat goedje baart Baptist zorgen. ‘De container is inmiddels gelokaliseerd in de Duitse wateren, maar het is nog onduidelijk of-ie volledig geborgen kan worden. Door de val zijn de meeste containers kapot geslagen. Eén zak Perkadox is al in Duitsland aangespoeld. Natuurlijk vindt er verdunning plaats in zee en wordt het spul afgebroken. Maar hoe snel gaat dat in zeewater van 8 graden? Dat weten we niet.’

Het gaat in totaal om 3000 kilo dibenzoylperoxide. Wat dat voor het zeeleven kan betekenen, berekende Baptist in opdracht van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) in een quickscan. ‘De inhoud van die zakken kan potentieel een hoeveelheid water ter grootte van een derde deel van het IJsselmeer verontreinigen, tot een concentratie waarbij in 10 procent van alle ongewervelde organismen effecten worden gevonden. Daarnaast is de acute toxiciteit voor vissen erg hoog.’

Martin Baptist van Wageningen Marine Research coördineert het Zoe-onderzoek.
Martin Baptist van Wageningen Marine Research coördineert het Zoe-onderzoek.

Schoenen en speelgoed

Naast toxische lading zijn er vooral gebruiksgoederen overboord gegaan. Schoenen, kleding, matrassen, flatscreens, fleecedekens, plastic speelgoed, autobanden, tuinmeubilair, diepvriezers, et cetera. Baptist: ‘Een klein deel daarvan is op de stranden terechtgekomen, het merendeel ligt op de zeebodem. En het meeste is plastic. Maar de lading is slechts ten dele bekend. De ladingbrieven waar we over beschikken, geven alleen maar grove categorieën aan.’

In opdracht van LNV en Rijkswaterstaat proberen Baptist en zijn collega’s in Den Helder, IJmuiden en Yerseke de gevolgen van al die rommel op het zeeleven in kaart te brengen. Dat gebeurt voornamelijk door intensivering van bestaand onderzoek. Zo zal in de bestaande onderzoeken naar de schelpdierenstand in de Noordzee en Waddenzee nu ook de verspreiding van plastic worden meegenomen. En in het lopende onderzoek naar bijvangst in de visserij zal een deel van de vissen worden gecontroleerd op plastic. Baptist: ‘In de loop van het jaar verzamelen we 9000 vissen. Als ze toch worden gevangen, kun je ze net zo goed opensnijden. Zo hoeven we niet meer dieren te doden dan nodig is.’

Om eventuele gevolgen voor zeehonden in kaart te brengen, zullen vijftien gestrande (dode) dieren uit de oostelijke Waddeneilanden grondig worden onderzocht door de Universiteit Utrecht. ‘Wij krijgen de maag en darmen voor onderzoek naar het verteringskanaal.’ En wat de gevolgen van de Zoe-ramp voor vogels zijn, moet het bestaande stormvogelonderzoek van Jan Andries van Franeker uitwijzen. Baptist: ‘We gaan het verzamelen van die vogels door vrijwilligers op de oostelijke Waddeneilanden intensiveren. Daarnaast worden ook zwarte zee-eenden verzameld.’

Bewustwording

Het ongeluk met de Zoe levert dus extra veel werk op. En niet alleen voor WUR. Ook het NIOZ en de Waddenacademie zijn, beiden in opdracht van Rijkswaterstaat, bezig met de ecologische gevolgen van het incident. De Waddenacademie stelt een plan op om de gevolgen voor de middellange en lange termijn in kaart te brengen. Daarnaast heeft het incident volgens Baptist tot bewustwording geleid. ‘We zijn ons bewust geworden van de enorme zooi die we van hot naar her over de wereldzeeën slepen. Jaarlijks 130 miljoen containers! En wat mij betreft is er een les die we zeker moeten trekken: we moeten veel eerder over een gedetailleerd overzicht van de lading beschikken. Zelfs nu, zestien weken na dato, zijn de details nog niet vrijgegeven. Als je de ecologische risico’s wilt inschatten, moet je dat veel sneller weten. Er kan van alles in die containers zitten.’

Zoe-incident in cijfers
342 zeecontainers Dat is ongeveer 14 keer de hoeveelheid containers (25) die gemiddeld jaarlijks in de Nederlandse kustwateren overboord slaat en een 5de van het aantal containers dat per jaar wereldwijd in zee verdwijnt (1700). Schepen vervoeren jaarlijks 130 miljoen containers over de wereldzeeën.
2736 ton (plastic) goederen Hiervan is 1100 ton inmiddels geborgen. Wereldwijd verdwijnt jaarlijks naar schatting 4,8 tot 12,7 miljoen ton plastic in zee. De lading van de Zoe – veelal plastic – is daar 0,02-0,06 procent van.
3000 kilo dibenzoylperoxide In één gezonken container zaten 280 zakken Perkadox, een bleekmiddel die deze toxische stof bevat.
700 ton staal Dit is afkomstig van de containers zelf. De berging is nog in volle gang. Krap de helft is inmiddels opgetakeld.

Lees ook:


Re:ageer