Science - January 1, 1970

Zoutcatastrofe in Sahel blijkt misverstand

Zoutcatastrofe in Sahel blijkt misverstand

Zoutcatastrofe in Sahel blijkt misverstand


In de Sahel wordt zoutophoping in de bodems al lange tijd gezien als een
catastrofe voor de landbouw. Dat zou liggen aan de nieuwe irrigatiesystemen
die veel zout zouden aanvoeren. De onlangs gepromoveerde dr Piet van Asten
heeft ontdekt dat deze gedachten gebaseerd zijn op drijfzand. De
zoutophoping ligt eerder aan het moedergesteente en een groter probleem is
een tekort aan nutriënten in de bodem.

Van Asten onderzocht bodems in de geïrrigeerde gebieden Foum Gleita in
Mauritanië en de Sourou-vallei in Burkina Faso. Daar bleken de meeste
bodems niet als zoute bodem geclassificeerd te kunnen worden volgens
internationale standaarden. De onderzoeker toonde ook aan dat de
geografische verdeling van de zouten niet gerelateerd zijn aan de
aanwezigheid van irrigatie- of drainagekanalen. In Foum Gleita vond hij
weliswaar alkalische zouten in de bovenste bodemlagen, maar bodem- en
grondwatermonsters wezen uit dat de zouten niet afkomstig zijn van
irrigatiewater, maar uit het onderliggende moedergesteente dieper in de
grond.
Het idee dat de grote irrigatieprojecten in de Sahel, die na de grote
droogtes in de jaren zeventig en tachtig van start zijn gegaan, voor
zoutproblemen zouden zorgen, is ontstaan in het begin van de jaren
negentig, toen de jaarlijkse gewasopbrengsten op vele plekken hard
kelderden tot zelfs onder de 4 ton per hectare. ,,Toen werden in Mali de
eerste tekenen van de vorming van alkalische natriumbodems waargenomen in
het oudste grootschalige irrigatieschema van de Sahel.'', zegt Van Asten.
,,En gedurende de midden jaren negentig raakten meer en meer onderzoekers
en landbouwvoorlichters ervan overtuigd dat deze door mensen veroorzaakte
vorm van bodemdegradatie onvermijdelijk was.''
Van Asten's onderzoek rekent nu af met deze gevolgtrekking. Zijn metingen
tonen aan dat de lage gewasopbrengsten in Foum Gleita in Mauritanië niet
het gevolg zijn van zoutophoping maar van stikstof- en fosforgebrek. In de
Sourrou-vallei in Burkina Faso is de afnemende rijstgroei het gevolg van
zinkgebrek in de rijstplanten en dit heeft weer te maken met onder andere
de kalkrijke aard van de bodem, in combinatie met het ontbreken van zink in
de kunstmestgiften. Veel van de bodems waarop rijst wordt geteeld in de
Sahel zijn kalkrijk. Dit is de eerste studie die aantoont dat zinkgebrek
een serieuze belemmering voor de rijstteelt in de Sahel kan vormen.
Extra kunstmestgiften zijn dus belangrijk voor de arme Sahelgronden. Veel
boeren in de Sahel kunnen dit advies echter niet opvolgen omdat de
kunstmest te duur of niet in voldoende mate beschikbaar is op de lokale
markten. Van Asten: ,,Een beter organischstofbeheer is daarom een van de
weinige mogelijkheden om de gewasopbrengsten te verhogen.
Organischestofgiften van 5 ton per hectare verhogen de rijstoogst met 1 à 2
ton per hectare.''
Van Asten voerde zijn onderzoek uit in het kader van het Irrigated Rice
Program of the West African Rice Development Association (WARDA) in
Senegal. | H.B.

Piet van Asten promoveerde op 5 september bij prof. Sjoerd van der Zee,
hoogleraar Bodemscheikunde en chemische bodemkwaliteit en prof. Martin
Kropff, hoogleraar gewas- en onkruidecologie.

Re:act