Science - January 1, 1970

‘Papier raakt wat verder weg en digitale collectie komt steeds dichterbij’

‘Papier raakt wat verder weg en digitale collectie komt steeds dichterbij’


Bibliotheek maakt zich op voor megaverhuizing

Wageningen UR gaat haar faciliteiten voor een belangrijk deel concentreren
rond De Born aan de noordkant van Wageningen. De verhuizing en
centralisering van de bibliotheek wordt als de grootste operatie beschouwt.
Volgens ir Ger Spikman, hoofd Selectie en Contentmanagement en
communicatiemedewerker Marcel van Berkum van de bibliotheek betekent dit
dat de papieren collectie soms verder van de werkplek raakt. ,,Daar staat
tegenover dat steeds meer te bereiken is via de pc.’’

,,Ons motto is om de informatievoorziening voor studenten en onderzoekers
zo optimaal mogelijk te maken en daarin is het te bouwen pand een goed
plan; een gebouw waarin onderwijs en bibliotheek bij elkaar komen,’’ aldus
Spikman. Hij doelt op het nieuwe Forumgebouw dat volgens plan in 2006 op De
Born zal verrijzen, samen met de nieuwe onderkomens van in ieder geval drie
kenniseenheden. ,,Eigenlijk is het Jan Kops-huis nog steeds ideaal als
bibliotheek alleen het staat op de verkeerde plek; het zou juist op de
campus moeten staan.’’ Als voorbeeld haalt Spikman Delft aan, waar de
bibliotheek, een mensa en diverse collegezalen vlakbij elkaar staan zodat
men tussen de colleges kan binnenwippen. ,,Hier komt men voornamelijk voor
de bibliotheek of een PGO-ruimte maar niet even tussen colleges omdat alles
zo verspreid ligt. Wat dat betreft is onder andere de bibliotheek van de
Leeuwenborch wél goed gesitueerd.’’

Bibliofiel
Marcel van Berkum kijkt vanuit zijn kantoor in het Jan Kopshuis aan de
Generaal Foulkesweg uit op de achtertuin, die er verwilderd bij ligt.
,,Vroeger lag hier de gemeentelijke begraafplaats. Het oude poortgebouw aan
de voorkant moest geïntegreerd worden in het ontwerp omdat het op de
monumentenlijst staat.’’ Van Berkum heeft weinig moeite met de verhuizing.
,,Het is niet zo dat ik dit gebouw zat ben. Het is een mooi gebouw, maar
voor de bibliotheek is het slim om een keer naar een andere locatie te
verkassen.’’
Zijn nieuwe pc steekt schril af tegen de bruinachtige inrichting die sinds
de bouw niet is vernieuwd. Van het lezen van een boek aan een bruin bureau
naar doelgericht zoeken naar documentatie op een beeldscherm: de Personal
Desktop Library is één van de paradepaardjes van de bibliotheek. ,,Die is
erg handig; men hoeft niet meer helemaal naar de bibliotheek om te zien wat
er aanwezig is of voor het reserveren van een boek. Je kunt de desktop
helemaal inrichten naar je eigen interesses. Daarnaast heb je nog meer
voordelen. Op onze kosten kan bijvoorbeeld je proefschrift worden
gepubliceerd op internet, e-publishing heet dat, en via WaSP - Wageningen
Scholarly Publishing - ziet iedereen in de wereld wat er hier wordt
gepubliceerd. En we ontwikkelen nog verder. Sinds 1 juni heb je ook buiten
je werkplek toegang tot de bestanden van de bibliotheek.’’ Verder worden de
oude collecties beschermd tegen beschadiging bij inzage door ze te kopiëren
en op het web te plaatsen.
,,Het zou funest zijn als je vrijwel alles op De Born plaatst en daarnaast
geen elektronische collectie hebt.’’
Spikman legt uit wat volgens hem belangrijk is voor de toekomst.
,,Concentratie van kenniseenheden en een goede digitale collectie om
iedereen van dienst te zijn. Vanuit ons motto zou je alles wat men nodig
heeft op elke werkplek moeten plaatsen, maar dat is ondoenlijk; zelfs niet
in elke gebouw. De papieren collectie zal steeds verder van je werkplek af
zijn, daartegenover staat dat steeds meer te bereiken is via de pc.’’
,,Toen dit gebouw is neergezet was het eigenlijk al te klein; de collecties
konden er bij lange na niet in. Toen kwam ook die beweging van de
collecties naar de uit het niets oprijzende locatiebibliotheken.’’
Van Berkum: ,,Sinds een jaar of tien moet het allemaal gecentraliseerd.’’
De communicatiemedewerker legt uit dat dit niets te maken heeft met het
feit dat de bibliotheek sinds enige tijde onder het Facilitair Bedrijf
valt. ,,Dat gebeurde ook ineens; een echte bibliofiel valt natuurlijk flauw
als een bieb als kennisbron gelijkgeschakeld wordt met een kantine.’’

Golfbeweging

Spikman vertelt dat het voor de mensen buiten Wageningen UR wat lastiger
wordt. Steeds meer tijdschriften worden afgeschermd omdat ze alleen
digitaal beschikbaar zijn en van de meeste uitgevers mag je geen kopieën
leveren uit hun elektronische tijdschriften. ,,Tijdschriften bestaan dan
gewoon niet meer voor niet-WURmensen. Misschien worden we in de toekomst
wel gedwongen om met pasjessystemen te werken waarbij op individueel niveau
is bepaald waar men wel en niet gebruik van mag maken.’’
,,Voor de mensen van Wageningen UR buiten Wageningen geldt straks praktisch
hetzelfde als voor de mensen hier. De papieren collectie gaat wat verder
weg en de digitale collectie komt steeds meer dichterbij. Kleine
bibliotheken zullen moeite hebben om alles draaiende te houden omdat er
steeds meer personeel wordt wegbezuinigd; dat is hier ook zo bij de
gedecentraliseerde bibliotheken. Ook een reden voor centralisatie.’’
In het nieuwe gebouw zal nog sprake zijn van groeiend ruimtebeslag, maar
die groei neemt wel steeds verder af. Spikman: ,,Allemaal vanwege die
golfbeweging van papier naar digitaal. Wat lezen in de privésituatie
betreft vind ik dat het boek niet moet verdwijnen. Maar dit is een andere
situatie: die van een bibliotheek. Als iemand informatie zoekt zal het hem
niet uitmaken dat die niet meer op papier te vinden is. Wil iemand een boek
of tijdschrift helemaal lezen of bestuderen, dan ligt dat natuurlijk
anders. Bij boeken streef ik naar een papieren en elektronische versie; ook
om ze zo te ontvangen van de uitgeverij. Met in de catalogus dan gelijk een
link naar de elektronische versie.’’
Tijdschriften hebben al jarenlang de grootste aandacht. ,,Er staan
natuurlijk nog wel heel wat boeken, rapporten en proefschriften, maar de
nadruk ligt toch op tijdschriften.’’ De bibliotheek heeft ongeveer 9.000
abonnementen, waarvoor grote bedragen worden neergelegd. Dit terwijl de
gepubliceerde informatie voor een belangrijk deel uit het publieke domein,
de universiteiten, afkomstig is.
Een goed initiatief blijkt dat van het open acces systeem van Biomed
Central. Auteurs betalen voor de dienstverlening van de uitgever (redactie,
beoordeling en publicatie), waarna de publicatie voor iedereen vrij
beschikbaar is op het internet. ,,Dit jaar hebben wij de bijdrage voor
auteurs van Wageningen UR afgekocht en nu kunnen ze dus gratis in Biomed
Centraltijdschriften publiceren.’’
Van Berkum: ,,Met Kluwer hebben we een deal gesloten dat zij op papier
publiceren en wij digitaal. Vroeger hadden we zelf een uitgeverij, PUDOC
(Centrum voor Landbouwpublicaties en -documentatie) waarmee we zelf alles
publiceerden. Ongeveer acht jaar geleden hield het op te bestaan.
Organisatorisch was de combinatie bibliotheek en PUDOC een voorloper van
Wageningen UR. Het had één directie onder twee moederorganisaties, de
onderwijsinstelling en DLO (Dienst Landbouwkundig Onderzoek).’’

Ontdubbelen

De bouw van een nieuwe centrale bibliotheek biedt mogelijkheden om bij de
inrichting rekening te houden met de nieuwste inzichten. Spikman: ,,De
bibliotheek heeft een hybride karakter: een schat aan papieren collecties,
een elektronische bibliotheek en goede werkplekken. Het is een plek waar
onderwijs en documentatie bij elkaar komen. Daarom is het ook belangrijk om
met zones te werken. Een gedeelte waar bij wijze van spreken geouwehoerd
kan worden en diverse stiltegebieden; hoe verder je het gebouw in gaat hoe
stiller het wordt.’’
,,De boeken worden al opnieuw gecodeerd voor het Forumgebouw en er wordt al
gepland waar alles moet staan. Het ‘ontdubbelen’ zal zijn hoogtepunt vinden
in het Forumgebouw.’’ De concentratie van waarschijnlijk vier van de vijf
kenniseenheden, betekent volgens Spikman dat het aantal dubbele
abonnementen teruggebracht kan worden.
De bibliotheek van de Dreijenborch is al gesloten en samengevoegd met die
van de Leeuwenborch, waarbij een flink aantal boeken in de container
belanden ,,Als daar boeken weg zijn gegooid dan zal dat vast wel gegrond
zijn gegaan. Wij gaan daar zorgvuldig mee om, ik wil niet dat er een
verkeerd beeld ontstaat. Er wordt pas iets weggegooid als het niets waard
is. Van maar heel weinig boeken willen we er twee hebben, alleen als ze
heel zeldzaam en kostbaar zijn. Als iets geld waard is dan willen we daar
wel wat geld voor beuren.’’ Spikman zal boeken weggeven als hij dat
enigszins kan. ,,Maar als je bij elk exemplaar gaat kijken of iemand het
nog nodig heeft dan wordt het een lange en dure verhuizing. Oude of dubbele
jaargangen kunnen misschien wel naar de Derde Wereld. En we ruilen wel
boeken met antiquariaten. De Beschte (een tweedehands boekhandel in
Wageningen, red.) bijvoorbeeld heeft al jarenlang een plankje in de
bibliotheek waar wij onbelangrijk geworden boeken en dergelijke op
plaatsen.’’

Imago

Spikman: ,,Het imago van de bibliotheek kan alleen verbeterd worden bij een
betere dienstverlening. Vaak is er geen besef van wat er allemaal achter
die ‘doodnormale’ service steekt, als iemand bijvoorbeeld achter zo’n
computer zit en informatie opzoekt.’’
Van Berkum, vult aan: ,,Een bibliotheek moet zich profileren, zal steeds
veranderen maar nooit verdwijnen.’’

Willem Geert Poutsma

Fotobijschrift:
De samenvoeging van verschillende locatiebibliotheken tot een echt centrale
bibliotheek betekent dat er veel boeken ontdubbeld moeten worden. | Foto
Guy Ackermans

Kader:

De geschiedenis

In 1876 waren er tweeduizend boeken en plaatwerken en 42 tijdschriften te
vinden in de docentenkamer van het voormalig hoofdgebouw van de
Rijkslandbouwschool aan het Salverdaplein. De groei van de collectie kwam
vooral tot stand door geschonken boeken van bekende landbouwkundigen en van
de Utrechtse Kabinetten van Landbouw. In 1891 kwam de eerste catalogus tot
stand door de docent Nederlands en Duits C. Honigh, de tweede
bibliothecaris na dr Otto Pitsch. Zij vervulden de bibliothecarisfunctie
naast hun leraarschap.

Rond 1900 had de bibliotheek 5.500 nummers en een budget van 1.000 gulden.
De rechten van bibliothecaris en leerlingen waren in die tijd niet groot,
de laatstgenoemden mochten maar twee uur in de week de boeken inzien. De
bibliothecaris was in die tijd al wel een volwaardige functie.

Vijf jaar later was er al sprake van decentralisatie: het aantal
handbibliotheken (op afdelingen, dichtbij de werkplek) werden uitgebreid
tot dertig stuks. De bibliotheek beschikte in totaal over tienduizend
boeken en ruim 300 tijdschriften in totaal 55.000 banden. De begroting was
al flink hoger: 18.000 gulden.

Tijdens het interbellum (1918-1945) waren er op de hoofdlocatie drie mensen
werkzaam.

Na 1970 waren al vele handbibliotheken ondergebracht in zogenaamde
filiaalbibliotheken. Het uit 1935 daterende bibliotheekgebouw achter de
Aula aan het Generaal Foulkesweg kon de uitbreidingen niet meer aan; de
vloeren zakten door. Interne verbouwingen, plaatsing in barakken en kleine
verhuizingen hielpen niet.

Eind 1981 kwam de oplossing: de betrekking van het Jan Kopshuis; een deel
van de boeken bleef echter opgeslagen in het oude gebouw. Twintig maanden
duurde de nieuwbouw met een vloeroppervlak van 3.535 vierkante meter.
Kosten: 14,5 miljoen gulden.

Vanaf 200. Het Forumgebouw zal naast de vanuit het Jan Kopshuis overgekomen
collecties, ook alle collecties van de locatiebibliotheken huisvesten,
inclusief de locatie Deventer van Hogeschool Larenstein en de mediatheek.
Door het nog voortdurende ‘ontdubbelen’ is nog niet duidelijk hoe groot de
te verhuizen papieren collectie precies zal zijn. De collectie omvatte in
2002 meer dan 600.000 titels en beslaat meer dan tien strekkende kilometer
boekenplank. De bibliotheek biedt toegang tot ongeveer 4000 elektronische
tijdschriften en 5000 elektronische publicaties, voornamelijk rapporten.

Re:act