Science - May 23, 2002

Mensenwerk: Hans de Groot, Facilitaire Dienst RIKILT

Mensenwerk: Hans de Groot, Facilitaire Dienst RIKILT

'Ik ben niet in te kaderen'

"Ik noem mijzelf de 'vliegende kiep' en dat vindt men wel aardig. Het betekent dat ik elk ogenblik voor allerlei calamiteiten kan worden opgeroepen. Ik niet alleen, hoor. We vormen met z'n drie?n een soort storingsdienst, maar zijn ook onofficieel een wakend oog," zegt Hans de Groot, voormalig instrumentmaker bij het Rijks-Kwaliteitsinstituut voor Land- en Tuinbouwprodukten (RIKILT).

Eind 1979 kwam De Groot als instrumentmaker vanuit Leiden naar Wageningen, naar het gebouw aan de Bornsesteeg. Maar tien jaar geleden besloot de directie dat de Technische Dienst plaats moest maken voor laboratoria.

"De Dienst werd helemaal afgebouwd. In feite hield mijn beroep toen op te bestaan. Ik kwam bij de Huishoudelijke Dienst, om precies te zijn, bij de Magazijndienst. Daar kreeg ik te maken met dingen als hulpmiddelen voor laboratoriumonderzoek en dergelijke. Het was jammer dat ik geen instrumentmaker meer kon zijn, maar pluspunt van de nieuwe baan was, dat ik met veel meer mensen in contact kwam. Wetenschappers die chemicali?n kwamen bestellen bijvoorbeeld, en dat was wel interessant. Ik leerde de namen kennen van stoffen waarvan ik als instrumentmaker nog nooit had gehoord.

Vroeger zat ik naar aanleiding van een schetsje in mijn eentje twee uur lang iets uit te dokteren. Daarna ging ik het op het lab uitproberen. Dat was het enige contact. Nu ken ik de mensen bij naam en toenaam, hun achtergrond, en dat werkt heel prettig. Je bent niet meer zo ge?soleerd. Toch is het jammer dat de directie besloot tot opheffing van de Technische Dienst, want er zijn altijd allerlei klusjes, zoals een lekkende kraan, een wc die niet werkt, en nog veel meer van dat soort dingen, zoals een analist die een kraan heeft laten openstaan. Wij moeten dan zorgen dat er de andere morgen geen waterplas op het lab ligt.

Een bedrijf met zoveel mensen kan eigenlijk niet zonder een technicus. Vroeger kwamen ze naar onze werkplaats: 'Wil je dit even uitboren'; of 'Mijn gaschromatograaf werkt niet'. Soms zijn ze de sleutels van hun bureau vergeten en dat geeft een hoop werk. Dat zijn van die klussen die je niet kunt uitbesteden, zoals tegenwoordig gebeurt met het maken van instrumenten. Er wordt inmiddels zo massaal onderzoek van dezelfde soort gedaan dat de industrie daarop is ingesprongen en instrumenten in serie maakt. Ja, zelf iets met je handen maken, dat gaf meer voldoening; ik kom hier en daar nog wel eens iets tegen dat ik vijftien jaar geleden heb gemaakt. Maar de directie zag er het nut niet meer van in, dus..."

De Groot raakte erg geboeid door het werk voor de voedselveiligheid. Het RIKILT doet veel onderzoek op dat gebied voor het ministerie van landbouw. De Algemene Inspectiedienst voert daarvoor de controle uit. Daar heeft de Storingsdienst waar Hans de Groot deel van uitmaakt, indirect ook mee te maken. "Als er vermoedens zijn dat een boer verboden middelen als bijvoorbeeld clenbuterol gebruikt om zijn koeien sneller te laten groeien, dan gaan mensen van de Algemene Inspectiedienst posten bij zo'n boer. Het pakt niet altijd slecht uit: ze krijgen vaak een kop koffie van een vriendelijke boer. Maar het komt ook voor dat de boer niet wil meewerken bij het verzamelen van urine die nodig is voor de labtests. Dan is de politie op de achtergrond aanwezig. Dat is lastig en kost veel tijd. Wij hebben onze mobilofoontjes altijd op standby staan. Want hoewel we al 's morgens om zeven uur beginnen en om vier uur naar huis mogen, komt het vaak voor dat we een telefoontje krijgen van een controleur van de inspectiedienst met de mededeling dat hij door files of andere vertraging niet voor laboratoriumsluiting aanwezig kan zijn met die urinetests of ander bewijsmateriaal. Dan moeten wij inspringen en zorgen dat de boel toch tijdig in de koelcel komt. Op zich is het wel interessant en spannend en je krijgt de gegevens uit de eerste hand."

Sinds de laatste reorganisatie valt De Groot niet meer onder de paraplu van DLO maar onder Wageningen UR. Maar: "Ik ben niet in te kaderen", verklaart hij lachend. Hij doet het werk met plezier, het bevalt de Hagenaar wel in Gelderland. En met twee jonge zonen thuis heeft hij zijn kans om vervroegd uit te treden afgewimpeld. Hij blijft tot zijn vijfenzestigste.

Lydia Wubbenhorst

Hans de Groot kan elk moment worden opgeroepen. "Wij hebben onze mobilofoontjes altijd op standby staan." | Foto Guy Ackermans

Re:act