Organisation - June 5, 2008

‘Inzet DDT frustreert malariabestrijding’

Het slecht afbreekbare insecticide DDT is bezig aan een ‘ongemerkte opmars’ in de tropen. Zeer tegen de zin van de Wageningse malaria-expert prof. Willem Takken. ‘Er wordt geroepen dat we in de strijd tegen malaria met de rug tegen de muur staan, maar teruggrijpen op DDT is gewoon stom en riskant. Het frustreert het succes dat we nu met klamboes en andere alternatieven boeken.’

‘Het is inderdaad ongelooflijk, maar DDT is weer helemaal terug. Zo’n dertig landen willen dit soort middelen weer gaan gebruiken tegen malariamuggen. Heel frustrerend’, aldus Takken. Op donderdag 5 juni spreekt hij de oratie uit die hoort bij zijn benoeming tot hoogleraar Medische en veterinaire entomologie.
Takken had nooit verwacht dat hij anno 2008 weer serieus de strijd zou moeten aanbinden tegen het goedkope, slecht afbreekbare pesticide. In de Westerse wereld zijn DDT – dichloor-diphenyl-trichloorethaan – en verwante ‘wondermiddelen’ al sinds de jaren zeventig uit de gratie. De pesticiden hopen zich namelijk tot hoge concentraties op in het vetweefsel van mensen en dieren.
‘Landen als India, Madagaskar, Ethiopië en Zuid-Afrika zijn echter altijd DDT blijven gebruiken’, vertelt Takken. ‘Vrouwen op het Indiase platteland hebben daardoor hogere concentraties DDT in hun moedermelk dan volgens gezondheidsnormen verantwoord is.’ Als een soort laatste redmiddel bij grote malaria-uitbraken is het insecticide misschien nog te rechtvaardigen, maar Takken ziet nu met lede ogen aan dat DDT weer salonfähig begint te worden.
De opmars is wonderlijk genoeg ingezet door de Stockholm Conventie van 2004, die bedoeld was om af te komen van twaalf persistente organische vervuilers, de dirty dozen. Dankzij een fanatieke lobby van Zuid-Afrika en Ethiopië werd in het verdrag bedongen dat DDT nog wel mocht worden toegepast in de bestrijding van ernstige plagen en overbrengers van ziekteverwekkers. Ook de wereldgezondheidsorganisatie WHO heeft het middel weer omarmd.
De hoogleraar is vooral bang dat het spuiten met DDT de poten wegzaagt onder een aanpak die wel aantoonbaar succes heeft: het gebruik van klamboes die zijn geïmpregneerd met pyrethroïden, van nature afbreekbare insecticiden. ‘Door de klamboes is de sterfte aan malaria met zo’n dertig procent gedaald. Het toenemende gebruik van persistente pesticiden doorkruist dat. DDT komt in het afvalwater terecht en zorgt voor een hoge selectiedruk bij muggenlarven, waardoor zich heel snel resistenties ontwikkelen, ook tegen pyrethroïden. Daarmee verliezen we een belangrijk wapen in de beheersing van malaria.’
Takken, die zelf vooral werkt aan de inzet van geurvallen en schimmels in de biologische bestrijding van malariamuggen, is ervan overtuigd dat het pesticidenspoor uiteindelijk doodloopt. ‘Mijn inspiratie haal ik uit voorgangers als Jan de Wilde en Joop van Lenteren. Die wezen de chemie resoluut af en bereikten juist daardoor doorbraken in de biologische en geïntegreerde plaagbeheersing in gewassen. Laten we onze Wageningse expertise in godsnaam inzetten om ook voor de overbrengers van ziekten te komen tot vergelijkbare vormen van beheersing.’

Re:act