Science - December 19, 2019

WUR closer to target for women professors

Text:
Albert Sikkema

Women now account for over 21 per cent of Wageningen’s professors. But WUR will probably not achieve the target of 25 per cent in 2020.

©Jonne Seijdel

Last week, the Dutch Network of Women Professors once again published its monitor of female professors. This showed that women made up 23 per cent of the professors at Dutch universities in 2018. According to the monitor, the share in Wageningen remained stuck at 16.9 per cent in 2018.

Wageningen University itself has different, more positive figures on the number of women professors. The national network only counts chair holders whereas WUR also counts personal professors. In recent years, WUR has appointed a relatively large number of women to personal professorships. According to the HRM department, in 2018 20.2 per cent of WUR’s professors (including personal professors) were women.

HRM also has the figures for 2019. The share of female professors including personal professors increased this year to 21.4 per cent. If you exclude the personal professors, the figure for Wageningen is 19.5 per cent.

The trend is for the proportion of women professors to grow steadily by 1 to 1.5 percentage points a year. The Executive Board’s target is to have women making up 25 per cent of all professors (including personal professors) in 2020. Based on the trend in recent years, WUR is set to just miss that target.

Reactions 7

  • Francine Govers

    De rankings waarin Wageningen hoog scoort, zoals de beste universiteit van NL, worden door WUR breed uitgemeten op social media. In deze ranking bungelt Wageningen al jaren in de onderste regionen en nu is er zelfs sprake van een stagnatie of een daling. Daarin is Wageningen UNIEK. Kunnen we dat dan niet van de daken schreeuwen? Of is er toch schaamte? Terecht! Al jaren hoor ik hetzelfde excuus en worden de cijfers weer goedgepraat. LNVH ziet het goed: persoonlijke hoogleraren worden bij WUR ondergewaardeerd. Terecht dus dat de WUR daarvoor afgestraft wordt.

  • Fred Hoek

    Het percentage vrouwen onder de nieuw aangestelde (persoonlijk) hoogleraren in bijvoorbeeld 2018 en 2019 geeft volgens mij beter weer of er een kentering in de gewenst richting heeft plaatsgevonden.

    • Gerry Jager

      Mee eens, Fred. Maar die percentages worden toch genoemd in het Resource stuk en in de Monitor? Er is groei, en een kentering in de gewenste richting, maar is het genoeg om de streefcijfers te halen? En het houdt niet op na 2020...., dan zijn we niet opeens 'klaar'ofzo

  • Sanne Boesveldt

    Volledig eens met Gerry en Sylvia! bovendien waren de streefcijfers nou ook niet zo ambitieus.. (25% in 2020); en zitten we dus nog steeds onder het landelijk gemiddelde, hoe je het ook telt

  • Sylvia Brugman

    Beste Gerry,

    je haalt me de woorden uit de mond. Inderdaad, de urgentie en de daadkracht moet blijven rondom dit thema.
    Laten we als WUR zorgen dat we snel in de top 5 komen!
    Goed voornemen voor het nieuwe jaar!

  • Gerry Jager

    De reactie van de LNVH over het wel/niet meetellen van persoonlijk hoogleraren:

    "De WUR heeft persoonlijk hoogleraren en die zitten in geschaald in een UHD-schaal. Een persoonlijk hoogleraar heeft geen leeropdracht, hij heeft een benoeming voor vijf jaar. Na vijf jaar wordt een persoonlijk hoogleraar geëvalueerd en op basis daarvan wordt zijn benoeming al dan niet verlengd.

    In de Monitor nemen wij de full professors / gewoon hoogleraren mee in het berekenen van de percentages hoogleraren. Ook de persoonlijk hoogleraren aan andere universiteiten die ingeschaald zijn als UHD worden dus NIET meegerekend in het percentage hoogleraren. Er is door het college van WUR in eerdere gesprekken wel aangekondigd dat de Tenure Trackers die nu starten niet meer zullen eindigen in een UHD-schaal (met toelage) maar gewoon in een HGL2 schaal. Dat zal dus op den duur verandering gaan brengen in de percentages. Maar zolang persoonlijk hoogleraren nog onder het UFO-profiel UHD en onder de inschaling UHD blijven vallen, en dus als zodanig in WOPI zijn opgenomen, vallen ze niet onder het percentage hoogleraren. En zoals de WUR zelf ook aangeeft in de reglementen, zijn het UHD’s die de titel hoogleraar mogen dragen en ook alle verdere rollen en taken van een hoogleraar op zich mogen nemen. Maar het blijven UHD’s. Leerstoelhouders zijn binnen de WUR wel ingeschaald als hoogleraar en die vind je dus terug in het percentage."

  • Gerry Jager

    Haalt WUR de doelstelling net wel of niet? Hoe het ook zal uitpakken, het zijn toch bepaald geen cijfers om trots op te zijn.

    Ik vraag me af of bij andere universiteiten de persoonlijk hoogleraren dan wel worden meegeteld, en zo ja, hoe komt het dan dat dat bij WUR niet gebeurd? Ik vraag het na bij de LNVH.

    Verder maak ik me zorgen dat door dit soort berichtgeving nu gelijk weer de 'urgentie' en 'daadkracht' in de organisatie verdwenen is. Van de 1e schrik over de cijfers in de Monitor, wat een mooie aanzet kan zijn om de achterblijvende aantallen vrouwelijke hoogleraren in Wageningen weer eens op de agenda te zetten, naar een berustend "zie je wel, het valt wel mee... WUR haalt het alleen maar 'net niet".



Re:act