Organisatie - 8 juni 2017

WUR-promotor hoeft straks geen prof meer te zijn

tekst:
Stijn van Gils

Wageningen University is van plan gebruik te maken van de vrijheid die de wettelijke uitbreiding van het promotierecht biedt. Sommige universitaire hoofddocenten (UHD’s) kunnen daardoor vanaf volgend jaar waarschijnlijk promotor worden. Dat zegt rector magnificus Arthur Mol.

Een promotieplechtigheid in de Aula van Wageningen University. © Guy Ackermans

In tegenstelling tot landen als België en Duitsland mogen in Nederland alleen hoogleraren nu nog een doctorstitel verlenen aan promovendi. Maar een wetswijziging die dinsdag 6 juni door de Eerste Kamer werd aangenomen, brengt daar binnenkort verandering in. Straks mag een Nederlandse universiteit ook andere medewerkers met een doctorsgraad aanwijzen als promotor.

Eigenlijk liepen we in Nederland gewoon achter
Rector magnificus Arthur Mol

Mol is het eens met deze aanpassing. ‘Eigenlijk liepen we in Nederland gewoon achter’, zegt hij. De besluitvorming binnen WUR moet nog plaatsvinden, maar de rector schat dat de nieuwe regels vanaf 1 januari 2018 in kunnen gaan in Wageningen. ‘We hebben anderhalf jaar geleden in de aanloop naar deze wetswijziging al gesprekken met betrokkenen gevoerd. Destijds kwamen we tot de conclusie dat in principe iedereen met een UHD1-aanstelling in tenure track ook promotierecht zou moeten krijgen.’

In uitzonderingsgevallen zal Wageningen University het promotierecht waarschijnlijk ook aan medewerkers zonder UHD1-aanstelling geven, zegt Mol. ‘Een universitair hoofddocent met een eigen onderzoekslijn en veel begeleidingservaring zou de rol van promotor bijvoorbeeld al eerder in de carrière kunnen vervullen. Aan de andere kant moet iemand met een UHD1-aanstelling die alleen maar lesgeeft en geen ervaring heeft met het begeleiden van promovendi, dit recht misschien niet krijgen. Het College van Promoties moet daar straks over beslissen. Dat kan nu in theorie ook al bepalen dat een hoogleraar geen promotor mag zijn.’

Maarten Smulders, voorzitter van de Wageningen Young Academy en zelf universitair docent bij organische chemie, ziet de aanpassing wel zitten. ‘Het is vreemd dat een wetenschapper die zelf geld voor onderzoek binnenhaalt en promovendi begeleidt, tot nu toe hoogstens copromotor kon zijn. Ik vind dat er best erkenning mag komen voor iemands echte rol. Ook in het buitenland wordt die rol dan duidelijker en dat kan belangrijk zijn voor iemands carrière.’

Wij vinden het vooral belangrijk dat de kwaliteit van de begeleiding niet achteruit gaat. Of iemand toevallig wel of geen hoogleraar is, heeft daar niets mee te maken
Birgit Dekkers, Voorzitter Wageningen PhD Council

Ook Birgit Dekkers, voorzitter van de Wageningen PhD Council, een inspraakorgaan voor promovendi, is het eens met de regelwijziging. ‘Wij vinden het vooral belangrijk dat de kwaliteit van de begeleiding niet achteruit gaat. Of iemand toevallig wel of geen hoogleraar is, heeft daar niets mee te maken.’

Voor hoogleraren betekent de aanpassing een beperking van hun rol. Nu treden zij geregeld op als promotor, zonder dat ze veel begeleidingswerk hebben gedaan. Toch hebben ook zij zich volgens Mol niet tegen de wetswijziging gekeerd. Op de vraag of de aanpassing ook kan betekenen dat Mol zelf straks geen promotor zal zijn bij zijn eigen promovendi, is hij even stil. ‘Nou eh, misschien bij... Nee, ik denk niet dat er voor mij iets verandert.’

Lees ook:


Re:ageer