Organisatie - 14 september 2017

Deltaplan voor Bangladesh

tekst:
Albert Sikkema

Bangladesh kampt bijna jaarlijks met wateroverlast, maar dit jaar waren de overstromingen wel heel groot. Hoogste tijd voor een Deltaplan. Daar wordt al jaren aan gewerkt, mede door WUR. Dit Deltaplan omvat meer dan alleen maar dijken, vertelt onderzoeker Catharien Terwisscha van Scheltinga. De landgebruiksplanning van Bangladesh staat centraal.

Foto Sk Hasan Ali / Shutterstock.com

Hoeveel doden er in Zuid-Azië zijn te betreuren door de recente wateroverlast is niet duidelijk. De schattingen lopen uiteen van 1200 tot 1600 slachtoffers. Toch was het geen groot wereldnieuws; de overstroming van de Amerikaanse stad Houston, met een handvol doden, trok meer media-aandacht. Een belangrijke reden hiervoor, zegt Catharien Terwisscha van Scheltinga, is dat er elk jaar overstromingen en drenkelingen zijn in Bangladesh. Ze woonde vijf jaar in Bangladesh om onderwijs- en onderzoeksprojecten op het gebied van klimaatverandering, waterbeheer en voedselzekerheid voor Wageningen University & Research uit te voeren. Ze is ook mede-architect van een Deltaplan voor Bangladesh.

‘De inwoners van de Bengaalse hoofdstad Dhaka hebben niet de indruk dat er een enorme watersnoodramp is in hun land’, zegt Terwisscha van Scheltinga. ‘Ze hebben er relatief weinig last van. In de jaren negentig is er een dijk om Dhaka gebouwd, zodat het rivierwater de stad niet meer binnenstroomt. Dhaka staat nog wel geregeld onder water als er flinke regenbuien zijn gevallen, maar dat komt doordat de afvoer niet goed is geregeld. De huidige watersnood is vooral een ramp voor de arme mensen op het platteland. Kleine boeren die geen eten hebben, omdat hun land onder water staat. Zij kampen ook nog eens met een mislukte oogst. De dagloners zitten noodgedwongen vast in hun dorpen en hebben daardoor geen werk, geen inkomen en dus geen voedsel.’

Bangladesh is zo plat als Nederland en wordt doorsneden door drie heel grote rivieren – de Ganges, Brahmaputra en Meghna – die jaarlijks grote hoeveelheden water afvoeren vanuit de Himalaya. Daar komen in deze periode van het jaar de jaarlijkse moessonregens bij. Dit jaar begon de moesson vroeg en hield erg lang aan. Daarom stond eind augustus de helft van Bangladesh onder water.

Waterhuishouding

Tien jaar geleden stelde premier Balkenende aan zijn Bengaalse collega voor om over een Deltaplan voor Bangladesh na te denken. Enkele jaren daarna werd Terwisscha van Scheltinga betrokken bij een voorstudie van WUR, waarin de nulvraag werd gesteld: heeft Bangladesh wel een Deltaplan nodig? ‘We gingen praten en ontmoetten veel ontevredenheid. Er waren al plannen, maar die bleven hangen in de planfase, werden niet geïntegreerd met plannen in andere sectoren en hingen vooral af van de ambities en ideeën van machtige personen. Er ontbrak een langetermijnvisie en die is zeker nodig om in de komende decennia de waterhuishouding beter in te richten.’

Toch merkte Terwisscha van Scheltinga ook dat de tijd rijp was voor zo’n Deltaplan. ‘Bangladesh heeft een langdurige economische groei doorgemaakt en is op weg om een middle income country te worden. Er wonen nog steeds veel arme mensen die van dag tot dag leven, maar veel Bengali krijgen langzamerhand de ruimte en het geld om plannen te maken voor de langere termijn.’

De voorstudie leidde in 2014 tot de opdracht van de Bengaalse overheid om – met Nederlands geld – een Deltaplan te formuleren. Dat plan wordt nu opgesteld door een consortium, geleid door organisatiebureau Twynstra Gudde, met daarbij partijen als Euroconsult, Deltares, WUR en vooraanstaande Bengaalse instituten. Het concept is klaar. ‘We hebben het nu over een plan op hoofdlijnen. Als dit wordt goedgekeurd, wil de Bengaalse regering een investeringsprogramma uitvoeren, met steun van de Wereldbank. Daarom is de Wereldbank nu al betrokken bij de planvorming, om later vertraging te voorkomen.’

Rijstteelt vervangen

Centraal in het Deltaplan staat de landgebruiksplanning als onderdeel van adaptief waterbeheer. ‘We kijken integraal naar zowel de voedsel- en watervoorziening en dat kan per gebied verschillen. In een deel van Bangladesh is het heel droog, daar zakt het grondwater. In dat gebied zou je meer water willen vasthouden, de landbouw aan willen passen aan de droogte, dus bijvoorbeeld rijstteelt vervangen door gewassen die minder water nodig hebben. En meer irrigeren met oppervlaktewater. Dat leidt tot een bepaald landgebruik wat weer bepaalt welk waterbeheer nodig is, waar de dijken moeten komen en hoe hoog ze moeten worden.’

In het zuiden van Bangladesh, aan de Indische Oceaan, speelt een heel ander vraagstuk. ‘In dat gebied zit veel viskweek, zoals de garnalenteelt, die gebruik maakt van zout water dat met het getij binnenkomt. Maar er wonen ook rijsttelers die zoet water gebruiken en juist last hebben van het getij.’ Ook hier moet je eerst overeenstemming over landgebruiksplanning hebben voordat je over dijken gaat praten, licht de onderzoeker toe.

Een ander onderdeel van het Deltaplan is de Ganges Barrage, een grote dam plus stuwmeer om het moessonwater op te vangen in het westen van Bangladesh. Dit water kan in de droge periode worden gebruikt. De aanleg van deze dam is voorlopig uitgesteld omdat er nog geen overeenstemming is over de geschikte locatie. Terwisscha van Scheltinga heeft bedenkingen bij deze dam. ‘Een dam is structureel, dus je moet alleen dammen aanleggen als ze onder alle omstandigheden voordelen bieden. Zo niet, dan kun je beter voor andere vormen van adaptief deltamanagement kiezen. Zo kun je tussentijds nog inspelen op veranderde omstandigheden.’

Zomerdijken

In dat opzicht kan een andere Nederlandse vinding nog van pas komen in Bangladesh: de winter- en zomerdijken, met daartussen de uiterwaarden. ‘In Bangladesh kennen ze geen hoge en lage dijken, waarbij je bijvoorbeeld wel landbouw toestaat in de uiterwaarden, maar geen huisvesting. Dit zou kunnen passen in de Bengaalse praktijk, maar nogmaals, dit is nog niet uitgewerkt. Er is geen silver bullit die alles oplost, zoals dijken. We moeten vooral maatregelen combineren die zowel de landbouw als het watermanagement verbeteren en inspelen op de verwachte klimaatverandering.’

Over die klimaatverandering wil Terwisscha van Scheltinga nog wel iets kwijt. ‘We moeten vooral feiten en data verzamelen. Op basis van baselinestudies durf ik te zeggen dat er is klimaatverandering gaande is. En dan bedoel ik niet alleen dat het weer extremer is geworden in Bangladesh, want er was altijd al heel veel variatie in de klimaatomstandigheden in dit land. Uit onze analyses blijkt dat de regenperiode verschuift, waardoor de regen niet meer aansluit op de zaaikalender van de boeren. Op die manier heeft klimaatverandering een direct effect op de voedselvoorziening.’


Re:ageer